blog 38: Please, don’t be like that. Thanks.

Dezelfde bull sh*t tegen-argumentatie rondom de tag #BlackLivesMatter zie ik min of meer zich óók nu herhalen met de tag #MeToo. 

Bij ‘Black Lives Matter’ reageerden sommige witte mensen met de tag #AllLivesMatter. En ook nu zie je dat er mannen (en vrouwen) zijn, die zeggen dat #MeToo óók op mannen slaat. Sure, óók mannen zijn dagelijks het slachtoffer van seksueel geweld. Maar het gaat -nu- even om vrouwen, oké? 

God mag weten dat de cijfers, deze ‘eenzijdige’ focus op vrouwen, wat seksueel geweld betreft, naar mijn mening volkomen rechtvaardigen. 

Maar dan nog? Zelfs als mannen net zo vaak ongepast seksueel zouden worden benaderd als vrouwen, waarom zou je je niet mogen focussen op een bepaalde deelgroep?

Het is net alsof iemand je verwijt dat je aandacht schenkt aan borstkanker, en prostaatkanker ‘vergeet’. Om dan vervolgens zijn (of haar) kleinzieligheid op tenenkrommende wijze te etaleren, door de tag #AllCancerMatter in het leven te roepen.

Activist A: Borstkanker!
Activist B: Hé, waarom niet óók prostaatkanker?

Activist A: Kindermisbruik!
Activist B: Hé, volwassenen worden óók mishandeld!

Activist A: Black Lives Matter!
Activist B: Hé, het is All Lives Matter, ja!?
 

Activist A: Vrouwen worden seksueel onderdrukt!
Activist B: Hé, óók mannen, hoor!

Don’t be like this. Please!

 

Deze blog verscheen eerder op https://www.facebook.com?khadimschrijft/

 

 

blog 37: Wat kunnen mannen toch dom doen zeg!!!

Bar lekker vol 2 leuke verjaardagen.

De deur is wel open dus er komen ook andere mensen binnen.

Zitten er twee leuke meiden uit Australië aan de bar waar ik een gezellig praatje mee maak. Komt er een lange gozer binnen lopen, besteld een biertje begint een heel verhaal met een zachte ‘G’ dat ie vrij is en dat ie wel even een dame ging scoren op zijn dagje Amsterdam. 

Meteen daarna als een vlieg op een hoop stront over die vrouwen heen hangen die er duidelijk geen zin in hadden.

“Sorry, gab kun je een beetje afstand houden, volgens mij zit je zowat in hun aura”.

“Ok ok ja, ik kom uit Brabant ….” 

“Ooh, dat hoorde ik niet” … haha … “maakt me niet uit al kom je uit Madurodam”.

En het was even stil want deze opmerking van mij was effe te moeilijk voor ‘m. 

“Geef ze gewoon wat ruimte vriend ze zijn hier niet voor jou, geloof me”. 

Ok, ik verder want het was rete druk. 

Probeert die lul tussen de dames te gaan staan terwijl ze tegen elkaar aan zitten aan de bar. 

“Wat zei ik nou net vriend. Afstand! Zo versier je geen vrouw, pik, een vrouw moet zich veilig voelen en jij rijdt gewoon tegen ze aan! Ga daar maar zitten”. 

Ok, hij gaat 2 plekken van ze vandaan zitten.

Als ik na een glazenrondje terug achter de bar kom heeft hij een arm om een van de twee. 

“Drink jij even je biertje leeg, praten mag, maar aanraken niet niet in dit cafe”.

Hij lacht en denkt dat ik een grapje maak.

“Heeft nou echt niemand je geleerd, dat je van mensen af moet blijven?” Biertje opdrinken en wegwezen, gab, anders pak ik ‘m uit je hand”.

Hij gooit ‘m achterover en loopt weg, ik hoop dat ie iets heeft geleerd. Ik denk ‘t helaas niet. 

Geld ook voor dames trouwens ik hoef ook niet meteen een zoen op mijn wang. Als ik je niet ken, ik geef wel een hand….

blog 36: Verander het patriarchale systeem – doe het samen

Allereerst wil ik kwijt dat ik het een heel goede zaak vind, dat alles wat er op het gebied van seksueel misbruik, verkrachting en ongewenste intimiteiten met vrouwen (en mannen) is gebeurd en nog steeds gebeurt aan het licht mag komen en niet langer verborgen blijft!

Er is een behoorlijke diversiteit aan reacties op dit onderwerp gekomen, waarbij naast moedige en schrijnende verhalen, schuldbekentenissen, verantwoordelijkheid nemen en vergeven door zowel vrouwen als mannen ook helaas nog vaak, wel begrijpelijk (maar ook zinvol en helend?), beschuldigingen over en weer worden geuit.

#Metoo wil graag een bijdrage leveren met mijn inzichten.

In dit “patriarchale systeem” dat we in mijn ogen, onbewust, al generaties lang samen hebben gecreëerd worden naar mijn mening, meisjes en jongens, vanaf geboorte uit verbinding met zichzelf gehaald, doordat we hen in opvoeding en onderwijs, leren zich aan te passen aan eisen en wensen van ons volwassenen, zonder in de gaten te hebben dat kinderen daardoor niet mogen zijn zoals ze zijn!  Zo gezien zijn zowel meisjes als jongens al generaties lang “slachtoffer” van door volwassenen doorgegeven pijn en angst op het gebied van de rolpatronen die van jongens en meisjes worden verwacht.

In ons reguliere onderwijs en daaraan gerelateerde opvoedingssysteem worden kinderen door volwassenen onbewust “ontmoedigt” in hun creatieve vermogens, nemen van verantwoordelijkheid, het ont-wikkelen van autonomie en authentiek mogen zijn. De bewijzen van wetenschappelijke onderzoeken die dit staven zijn legio!

Gevolg daarvan is dat we van kinds af aan leren denken volgens vast aangeleerde en opgelegde patronen en handelen, zonder ons nog echt bewust te zijn van wat we doen! We lopen onbewust dag in, dag uit volgens vaste patronen in een tredmolen!

Vanuit dit onbewuste denken en handelen doen kinderen van de ene generatie later als volwassenen hetzelfde, maar nu als “dader”, met de volgende generatie! De eisen en wensen van het “volwassen” systeem worden weer vanuit onbewust denken en handelen doorgegeven! En ook wij volwassenen van deze generatie hebben daar vrijwel allemaal onbewust aan meegewerkt, totdat we in deze tijd ieder op zijn/haar moment wakker worden.

Dat de meerderheid (en ikzelf af en toe ook!) nog steeds een grotendeels onbewust leven leiden, wordt mooi duidelijk in de filmpje van Bruce Lipton, waarin hij laat zien dat wij voor 95% (of meer) onbewust zijn van ons denken en handelen:

Zo gezien, ben ik dus zowel slachtoffer als dader van dit patriarchale systeem en tot het moment dat ik me daarvan bewust word, hou ik het systeem zelf onbewust in stand!

Een belangrijke vraag voor mij wordt dan; “Kan ik verantwoordelijkheid nemen, als ik me niet bewust ben van mijn patronen in denken en handelen?”

Volgens Eckhart Tolle in zijn boek “Een nieuwe aarde” kan men iemand die zich niet bewust is van mijn on(der)bewuste (ego!) patronen eigenlijk nooit iets verwijten of verantwoordelijk stellen!

Ik ben dat helemaal met hem eens, hoewel ik dit zeker geen pleidooi vind voor het niet hoeven nemen van verantwoordelijkheid!

Trauma’s, die vrouwen (en mannen) door seksueel misbruik, verkrachting en ongewenste intimiteiten hebben opgelopen dienen we heel erg serieus te nemen en vragen om verwerkingstijd en erkenning! In het belang daarvan is verantwoordelijkheid nemen een absolute must!

Maar, verantwoordelijkheid nemen kan ik dus pas als ik mijn denken, voelen en handelen “niet meer buiten mezelf leg” maar besef dat ik alles zelf creëer en heb gecreëerd!

Wat ik hiermee wil zeggen is, dat wijzen naar anderen,  een excuus is om niet met mijn eigen verantwoordelijkheid aan de slag te gaan!

En nu ik me daarvan bewust ben geworden neem ik verantwoordelijkheid voor het feit dat ik anderen, waaronder vrouwen heb gekwetst, gemanipuleerd, belogen, gedreigd en onderuit gehaald! Daarvan ben ik de DADER en ik ben volledig verantwoordelijk voor de daaruit ontstane schade!

Maar………, ook voor mijn SLACHTOFFERSCHAP neem ik verantwoordelijkheid. Niet als kind  want die verantwoordelijkheid kon ik als kind nog niet dragen. Maar op het moment dat ik volwassen werd en me nog steeds liet slachtofferen, heb ik verzuimd voor mezelf op te komen en mijn ware gevoelens te uiten. Ik heb altijd een keuze gehad, maar was niet altijd bereid de gevolgen daarvan te nemen, waardoor ik mezelf  in de steek liet, heb verloochend!

Ik ervaar dan ook dat dit patriarchale “systeem” waarin we nu leven in stand wordt gehouden door ALLE DEELNEMERS, zowel mannen als vrouwen die allemaal ook daders en slachtoffers zijn.  Wij zijn allemaal het systeem en daarom kunnen we het volgens mij ook alleen samen veranderen, te beginnen bij mezelf, want ik kan iemand anders niet veranderen. Daarom pleit ik ervoor dat vrouwen en mannen, allemaal de hand in eigen boezem steken voor hun eigen dader en slachtofferschap!  Door persoonlijk verantwoordelijkheid te nemen kunnen we weer in onze eigen kracht gaan staan en samen de pijn van het verleden transformeren naar de liefde, die we allemaal in wezen zijn. Het moeilijkst daarin is misschien wel om compassie te blijven voelen voor mannen en vrouwen, die zich nog niet bewust zijn van zichzelf en dus geen verantwoordelijkheid kunnen nemen, omdat zij nog niet zijn ontwaakt?

En daarom is VERGEVING, voor zowel mannen als vrouwen voor mij de voorwaarde om samen op een constructieve manier te kunnen groeien in bewust zijn. Allereerst vergeving van mezelf voor zowel mijn daderschap als mijn slachtofferschap. Daaruit volgt vanzelf vergeving van alle anderen. Mocht je nog twijfelen aan de logica en kracht van vergeving, bekijk dan tot slot nog even dit filmpje:

In Lak’ech (ik ben een andere jij)

blog 35: United we stand

Het is voor mij als mens vanzelfsprekend om me uit te spreken tegen geweld tegen vrouwen. Geweld tegen mannen, transgenders, non-binairen, queers en ieder ander op of buiten het genderspectrum veroordeel ik net zo sterk. Mijn motivatie voor het schrijven van deze blog is echter een andere. Namelijk dat de bal niet alleen bij de mannen, maar bij iedereen – dus alle mensen – ligt. Te lang is er in de emancipatie en anti-seksisme discussies te veel sprake geweest van het “wij” tegen “zij”. Ook in de White Ribbon-blog lees ik dat nog te veel terug.

Om mijn punt te maken, neem ik jullie mee terug naar november 2017 waarin ik  – binnen één week – onderstaande opmerkingen hoorde:

  • Ben je al zo oud?!? Wat zie je er dan goed uit voor je leeftijd!”
  • “En natuurlijk hebben we genòten van die bloedmooie docenten daar!”
  • “Niet te lang voor mijn neus bukken, hoor. Ik heb óók gevoelens!”

Drie uitspraken gedaan toen #MeToo het nieuws nog dagelijks beheerste. Gedaan ten overstaan van groepen mensen, in aantal tussen de 15 en 250 groot. Zonder uitzondering allen werkzaam in de sociaal maatschappelijke sector. Waarbij minimaal twee derde van de aanwezigen vrouw was, dan wel zich het meest met deze sekse identificeerde. En al deze drie uitspraken werden gedaan door een vrouw.

Ik zat erbij, keek en luisterde ernaar. Verbaasd. Had ik het goed gehoord? Hoe werd dit bedoeld? Moest ik hiervan iets zeggen als geëmancipeerde anti-seksist van het mannelijk geslacht? Of was het beter dat niet te doen? Zou ik de “andere sekse” gelaten tijd en ruimte geven zich te revancheren op het seksisme waaronder zij sinds mensenheugenis gebukt gaat? Zulke opmerkingen staan toch niet in verhouding tot het ongemak, laat staan doodsangst, die vrouwen ervaren bij (dreigend) seksuele grensoverschrijding en geweld? Maakte ik zo een onschuldig compliment veel te negatief beladen? Of, sterker nog, werden deze opmerkingen juist zo seksistisch doordat ik dat er als man op projecteerde?!?

Het “momentum” voor een reactie vervloog in de turbulentie van mijn tegenstrijdige gedachten.

Na de eerste opmerking, gemaakt door een universitair docente die mannelijke gastspreker introduceerde, reageerde geen van de ruim 250 congressanten. De tweede opmerking werd gemaakt door een vrouwelijk hoofd van een sociale gemeentedienst. Tijdens een intern symposium keek zij terug op de deskundigheidsbevordering die haar afdeling had gevolgd. Ik was één van de trainers, die bloedmooie docenten waren er (dus…) niet bij die dag.

De derde opmerking in bovenstaand rijtje was direct gericht aan mij. Toen ik iets van de grond raapte tijdens een meerdaagse training, met mijn rug gekeerd naar een deelneemster. Een actieve, gevatte vrouw, ongeveer even jong als ik. Het was in de middag van de tweede dag, die – qua onderwerp – in het teken van seks stond, de seksuologische basiskennis in het bijzonder. Vooral de leuke kanten van seksualiteit kwamen die dag aan bod. Grappen, soms  doordacht, vaak ook flauw, zijn dan niet van de lucht. Ik maak ze en geniet ervan als de deelnemers aan mijn training dat ook doen. Het is onderdeel van het leren wennen aan professioneel praten over seks. Zo lang het met respect voor elkaar en de gemaakte werkafspraken gebeurt, is er niets aan de hand.

Toch raakte deze opmerking mij, vooral achteraf. Direct nadat de deelneemster in kwestie mij liet weten dat ze niet te lang gevoelloos mijn billen kon aanzien, riposteerde ik dat ze hopelijk een meer verfijnde smaak had. Nu ik dit schrijf, vraag ik me ineens af of ik haar gevoelens misschien niet teveel seksualiseer – vond ze het een onaangenaam gezicht? Doelde zij misschien op mijn brede schouders? Hoe dan, van die opmerking had ik geen last. Tot ik later in de training me ongemakkelijk voelde in haar buurt. Wat voor seksueels zou ze nu weer gaan roepen? Wat als ze ècht seksuele interesse had? Moest ik daar dan trots op zijn? En er misschien flirtend op reageren?  Als onzeker stuntelende puber had ik toch niets liever gehad dan bevestiging dan de (seksuele) aantrekkelijkheid waar ik zo op hoopte? Wilde ik die van haar? Moest ik blij zijn dat ik blijkbaar nog sexappeal bezat als man van ongeveertig zonder sixpack? Vertel ik het mijn vrouw? En dan?

Nee, dit is geen ervaring die vergelijkbaar is met dat wat vele vrouwen helaas meemaken. Als ervaren trainer stond ik in mijn kracht, kon de opmerking met een kwinkslag pareren. Gevoed door de #MeToo beweging werd ik me wél meer bewust hoe een kleine dubbelzinnigheid een eigen leven kan leiden en – onbedoeld, dan wel geprojecteerd, of niet – ongemak kan veroorzaken. Zelfs als er géén sprake is van machtsmisbruik of bedreiging. Een seksistische opmerking, gebaar of aanraking is zo waar als de aangesprokene of -geraakte deze ervaart. Excuses maken en daarmee stoppen is het enige antwoord.

Ik hoop dat mensen door deze blogserie en andere reacties op #metoo gaan beseffen dat iedere reactie telt. En dat ieder op of buiten het genderspectrum met elkaar probeert ouderwetse, achterhaalde, binaire en polariserende opvattingen over mannelijkheid, vrouwelijkheid he-, ho- en biseksualiteit, te verbannen naar het verleden. Voor mij zijn deze de bron van heel veel seksueel grensoverschrijdend gedrag en geweld van mens naar mens.

Leg je de bal neer bij “de man” of iemand anders, dan sta je voor je het weet weer buitenspel. En kent #MeToo alleen maar verliezers.

 

In the end, we will remember not the words of our enemies, but the silence of our friends.

blog 34: Mannen hoe simpel kan het zijn?

Geweld tegen vrouwen: het zou verboden moeten worden. Een zin die logisch zou lijken, zeker gezien het aantal keer dat #MeToo ondertussen de ronde heeft gedaan op social media als Facebook en Twitter. Dat geweld tegen vrouwen al heel lang strafbaar is weten we, maar dat heeft blijkbaar niet voldoende effect. Niet alleen blijft het veelvuldig gebeuren, het aanspreken van de daders blijkt ook nog eens een stap te ver. De daders zijn voor het overgrote gedeelte mannen, dus blijkbaar – tenzij we aannemen dat mannen biologisch zijn geprogrammeerd tot agressiviteit – zit er iets in de cultuur of opvoeding van mensen dat dit veroorzaakt.

Om wie gaat het nou precies?

Ik vind als man dat het gebruiken van de noemer geweld tegen vrouwen onterecht de indruk wekt dat de focus van deze discussie op vrouwen ligt. Het gaat namelijk om het gedrag van bepaalde mannen; het onderliggende probleem schuilt in de samenleving, waarin bepaalde rollen worden toebedeeld die ervoor zorgen dat een aantal mannen meent over grenzen te kunnen gaan. Dat dit intrinsiek weinig met vrouwen te maken heeft blijkt uit de cijfers omtrent homo-gerelateerd geweld. Uit een onderzoek van de politie naar geweldsmisdrijven tussen 2009 en 2013 tegen personen vanwege het (vermeende) homoseksuele karakter van de slachtoffers, blijkt de dader in 92,7% van de gevallen een man te zijn. Na een korte analyse van de gegevens van het CBS blijken soortgelijke cijfers aanwezig wanneer het gaat over ‘algemeen’ geweld. Wanneer we kijken naar alle geweldsdelicten in Nederland tussen 2005 en 2012 blijkt de dader in 88% van de gevallen een man te zijn. Wanneer we dit tot seksuele delicten beperken stijgt dit cijfer naar 97,4%.

Met de oververtegenwoordiging van mannelijke daders in dergelijke misdrijven kunnen we moeilijk blijven beweren dat dit geen rol in de discussie zou moeten hebben. Vandaar dat het handig kan zijn toch nog eens te kijken naar de reeds vaak aangehaalde rol van opvoeding en cultuur. Als man moet je sterk zijn, mag je vooral niet huilen en hoor je respect af te dwingen. Het creëert een status-cultus, waarbij de man zich constant in zal moeten zetten om deze status niet te verliezen. Dit constante gevecht van sterk en mannelijk moeten zijn zal tevens gepaard moeten gaan met het idee dat dit juist is; een dergelijke rol is anders niet vol te houden. Daarnaast zal er geen psycholoog voor nodig zijn om duidelijk te krijgen dat het niet uiten van je gevoelens negatieve effecten heeft op een persoon. Krop genoeg op, dan komt er vanzelf genoeg narigheid uit.

Niet alle mannen zijn zo

Maar wat is het dan dat ervoor zorgt dat alleen een aantal mannen over de schreef gaat? Er zijn genoeg mannen die zich niet gedragen als de persoon die ooit een #MeToo kan verwachten. Nota bene drie jaar voor het viraal gaan van de hashtag #MeToo was er al de hashtag #notallmen welke begon als verweer tegen de generalisatie dat het negatieve gedrag van een aantal mannen een afspiegeling vormt voor de hele groep. Het is duidelijk dat een (groot) deel van de mannen zich niet als gewelddadig roofdier opstelt, echter zullen deze mannen wel moeten helpen in de verandering van de mannelijkheidscultus-cultuur. Het is namelijk niet zo dat zich ergens in een oerwoud op de Utrechtse Heuvelrug een groep mannelijke amazones schuilhoudt, die volledig in isolatie van de buitenwereld haar eigen cultuur in stand houdt.

Wat kunnen we doen?

De mannen die over de schreef gaan zijn gewoon onderdeel van de samenleving; het zijn onze vrienden, buren, vaders, zonen en collega’s. Wanneer wij deze groep mannen niet aanspreken op hun gedrag, blijft de mannelijkheidscultuur onveranderd. Dat de vrouwen in het leven van deze mannen hen aanspreken is belangrijk, ook dat helpt met de verandering. Het is alleen niet genoeg. Er zijn genoeg mannen die dit soort tegenspraak van vrouwen al bij voorbaat afdoen als onzin; je gaat je toch immers niet door een vrouw laten vertellen wat je moet doen? Dat is waarom het belangrijk is dat vooral mannen elkaar gaan aanspreken wanneer iemand de grens over gaat. Dat als er een huilt, dat de ander niet gaat zeggen dat huilen voor watjes is. Dat duidelijk wordt dat zinnen als ‘hoeveel wijven heb jij geneukt tijdens je vakantie’ niet puur onschuldige kleedkamerpraat is. Dat nee ook echt nee betekent. Dat je als persoon nogal mislukt bent wanneer je je macht misbruikt om iemand het bed in te krijgen. En dat het ok is wanneer je tegen anderen durft te zeggen dat je je slecht voelt of dat je iets niet durft. Maar vooral dat je met je poten van een ander afblijft. Als wij willen dat onze dochters, moeders, zussen, collega’s, vriendinnen en buurmeisjes ’s avonds veilig door het park kunnen fietsen dan zullen we daar als mannen voor moeten zorgen. Niet met een knokploeg op elke hoek, maar door elkaar aan te spreken. Zo simpel kan het zijn.

 

Deze blog verscheen eerder in tijdschrift Lover (http://www.tijdschriftlover.nl/politiek_en_maatschappij/mannen_hoe_simpel_kan_het_zijn)

 

blog 33: Ben je verkracht? Eigen schuld

“Ah, je bent aangerand? Had je maar niet zulke kleren aan moeten trekken!”

“Je naaktfoto is all over the internet? Had ‘m dan niet gemaakt, sukkel!”
“Ben je verkracht? Had je maar harder ‘nee’ moeten zeggen!”

Victim-blaming. Het negeren van de dader en de schuld bij het slachtoffer leggen. Ik maak me daar regelmatig schuldig aan en werd tijdens het meedoen met het BNN-programma ‘Verkracht of niet?’ keihard geconfronteerd met de gevolgen daarvan. Door victim-blaming durven honderden slachtoffers van seksueel geweld hun verhaal niet te doen en krijgen ze in veel gevallen ook nog psychische problemen. Ze zijn bang voor de reacties en geven zichzelf de schuld van alles wat er is gebeurd, terwijl ze zelf niets misdaan hebben…

Wanneer iemand een naaktfoto stuurt, heb je nul komma nul recht om dat privékiekje ook online te verspreiden. Wanneer een jongen of meisje je mee naar huis neemt, geeft hij of zij geenszins toestemming tot tongen. Op het moment dat je bij iemand mag slapen, zegt diegene op geen enkele manier dat hij of zij ook seks met je wil. Indirecte signalen zijn nooit een vrijbrief tot het botvieren van je eigen lusten en wensen. Communiceer, altijd en overal.

Ja, je kan mensen die seksueel misbruikt zijn naïef en dom noemen, maar beter waarderen we hun (voormalige) vertrouwen in de mensheid. Het vertrouwen dat iemand niet meteen aan je zit als je diegene toestaat om bij jou langs te komen. Het vertrouwen dat een pikante foto – ook na een relatie – onder vier ogen blijft. Het vertrouwen dat ‘nee’ gewoon ‘nee’ is en blijft. Het vertrouwen dat de ander jou en je lichaam in waarde laat. Het vertrouwen dat we de ander mogen vertrouwen. Dat is niet naïef, maar wonderschoon.

Ik vind dat ik – in het meest idealistische geval – mijn portemonnee ergens achter moet kunnen laten en twee dagen later onaangeroerd weer op kan halen (desnoods bij de politie). Ja, het klinkt wellicht wat onnozel, maar wanneer iets van mij gejat is, is dat niet mijn eigen schuld, maar die van de dief. Iets dat helaas – ook door mij – vaak andersom wordt gepredikt. Een slachtoffer wordt nog te vaak gezien als veroorzaker. Of het nou om diefstal, aanranding of verkrachting gaat. Maar, wat er ook gebeurt, iedereen moet met z’n tengels van andermans spullen, gevoel en lichaam afblijven. Geen enkel kort rokje is kort genoeg om een ongewenste aanraking te rechtvaardigen.

In plaats van met onze vingers naar slachtoffers (van seksueel misbruik) te blijven wijzen, kunnen we diezelfde vingers beter gebruiken om de daders terecht te wijzen. Steek je hand alleen in eigen boezem!

 

Deze blog verscheen eerder op ditisderks.nl

 

‘Verkracht of niet?’ terugkijken https://www.npo.nl/verkracht-of-niet/BV_101385108

blog 32: Lieve Jongen?

#notallmen, stond er bij de oproep. Natuurlijk niet. Hoe zou dat kunnen? Er zijn genoeg mannen die nooit geweld en intimidatie hebben gebruikt richting vrouwen. Ik ben er één van (incidenten met klasgenootjes op de basisschool daargelaten). Maar ik ben sinds de #MeToo beerput open ging toch van de ene verbazing in de andere gevallen. Wat veel mannen kunnen (en blijkbaar móchten) uithalen bij vrouwen was nieuw voor mij, en onderstreept nog maar eens waar het hebben van macht en het onophoudelijk zoeken naar bevestiging van die macht toe kan leiden. Natuurlijk is er ook een stukje herkenning van flarden van verhalen die ik heb opgevangen door de jaren heen, of geruchten die de ronde deden maar nooit bevestigd werden. Maar de alomtegenwoordigheid van de problemen was mij tot voor kort nooit zo duidelijk.

Tegelijkertijd vraag ik mij af: is dat eigenlijk wel zo? Was het eigenlijk geen gecultiveerde blindheid die zich ook van mij meester had gemaakt? Blindheid door het graag willen geloven van de cover-ups en excuses, het meeknikken met niet kloppende tegenargumenten, het stiekeme denken dat ze ‘er waarschijnlijk om had gevraagd’, en het instemmen met de lezing dat iemand met haar uiterlijk blij mag zijn met elk soort aandacht.

Nu ben ik niet de persoon die hier snel mee geconfronteerd gaat worden. Ik ben de ‘lieve jongen’, het schuchtere type bij wie stoere opmerkingen en machogedrag uit de grote teen moeten komen, of gedragen moeten worden door een mannenkliek om hem heen. Toch heb ook ik door de jaren heen, zeker in mijn studentenjaren, de sterke behoefte gehad om bij zo’n kliek te horen. En daar hoorde het nodige seksisme en objectificatie van vrouwen bij. En een aantal, op één hand te tellen, situaties waar ik misschien niet gewelddadig was, maar mij wel dingen bij meisjes dacht te kunnen veroorloven waar ik achteraf enorm spijt van heb. Mezelf zelfs vertellende dat het oké was omdat ‘anderen veel ergere dingen deden’.

Bij dit besef stopt het alleen niet. De opmerkingen en incidenten waren slechts een deel van de puzzel. Heel vaak is het ook wat ik niet zei, of wat ik liet gebeuren of zelfs aanmoedigde in de vrienden om mij heen. Dat is nog de voornaamste reden waarom #notallmen bij mij schuurt. Woorden en ideeën monden uit in gedrag, en dat is het niveau waarop zelfs de liefste, onschuldigste jongen tekort kan schieten. Het lachen om schunnige opmerkingen en het dulden van objectificatie, of er aan meewerken. Dit zijn ‘non-acties’ die desondanks de cultuur die tot een onveilige wereld voor vrouwen leidt in stand houden, of er nou vrouwen bij aanwezig zijn of niet.

Maar van een goede bondgenoot is precies dat te verwachten: hij houdt zijn handen thuis als dat gewenst is, maar past ook op zijn woorden en duldt het objectificerende gesproken woord niet van anderen, of dat nou individuen of organisaties zijn. Als ik dat zou doen, zou ik de, nog altijd twijfelachtige, titel van ‘lieve jongen’ pas écht verdienen.

 

Deze blog verscheen eerder op http://www.tijdschriftlover.nl/politiek_en_maatschappij/lieve_jongen

blog 31: I swear I will come back for you all!

We hervatten de blog-marathon op een dag die voor velen samenvalt met het hervatten van het werk na de vakantie. We starten met een Engelstalige column van iemand die laat zien hoe moeilijk het kan zijn om in die werksituatie de goede voornemens ook uit te voeren. Mede daarom wil hij anoniem blijven.

My, former, great hero Louis CK said that he loved the fact that his daughter was a third wave feminist.

I say former because, well, in case you have been living under a rock, Louis was outed as having sexually harassed women several times. His inevitable apology was bland but did  show me that there is a lot I’m holding on to and wish to stay blind to about the current state of affairs. It illuminated an ugly truth in my self-described feminist mind that I had only partially acknowledged until now.

1. I am privileged.  

Of course, I am. I am a man, I have inherent advantages but is there anything I can do about this inherent, -static- state?

2. I enjoy the power I have.  

Yes who wouldn’t? Power is awesome.

3. I use the power I have.

I do, but I try to be a good ally, I swear! I do my best to use it for good. 

I have power, I use power and I enjoy power. An uncomfortable truth that I navigate while walking the tightrope that is my conscience as a self-proclaimed heterosexual feminist man. Why Louis’ story hit me so hard was perhaps because it brought to light an even more uncomfortable truth about the current trend or state of affairs namely;

4. I am afraid of losing power.

I am writing this piece for the white ribbon campaign and while brainstorming the many topics I could write about, the following thought kept hitting me: Will people still want to work with me? What if they find out I am one of those people?

 

I work in the world of startups, where money flows and sexism is rampant as well as denied and demonized. But when a potential investment opportunity comes up, what do I want the potential money men to find out about me? A. My business accomplishments OR B. My business accomplishments and political views on feminism.

My gut tells me to choose option A because in my mind there is about a 75% chance that the investor or investment firm doesn’t want to work with someone who could cause ‘trouble’.

I am not only complicit but also actively contributing to the status quo in the following ways:

I have decided to stay anonymous, for the same reasons as Louis, Weinstein and their army of agents and profiteers covered up their horrible acts. I am not willing to lose power or pass up opportunities as a trade-off to having the moral high ground.

Many investment meetings I have attended in the past included much male macho bravadoes such as booze and drugs and the implicit implication that girls could be arranged. Though I can’t deny that I partook in the former two, my questionable conscious is at least clear of the third, but, there is a lingering nasty thought in my mind that tells me that a non-heteronormative male would not have done nearly as well as I did in those meetings or even been given the opportunity at all.

How do I sleep at night? My startup is a positive one (I hope). It will do good for everyone. And last but not least, I’ll change the world when I have the money and power I need. I swear I will come back for you all!

I can’t deny the reality of sexism in certain industries, including mine, but apparently I am only willing to fight it in limited ways. Does that make me complicit?

Of course, it does.

And is that on the basis of my being male? Because women are complicit in the same sense. The answer is a tricky one. Many women come from a position of power and are not willing to give up that power for this cause in the same way that I want to stay anonymous. But can we do more to stop this replication of power? I think so.

So thank you Louis? All the other reports flew right over my head. My belief in you and your mistakes coming to light has led me to realize I have a lot of learning to do and have many opportunities to do better in the future. I will continue to do so in anonymity for now. Navigating the system while feeling like a coward, but I swear I will come back for you all!

 

Deze blog verscheen eerder in Tijdschrift Lover (http://www.tijdschriftlover.nl/politiek_en_maatschappij/i_swear_i_will_come_back_for_you_all)

blog 30: Wat voor man ben jij?

De kerst en de jaarwisseling staan voor de deur. Reden om met de Blogmarathon een korte vakantie te nemen. Een korte pauze waarin we iedereen uitnodigen om de 30 blogs rustig te lezen en tot zich laten doordringen. Het kan iedereen helpen om zelf zijn positie ten opzichte van geweld tegen vrouwen (opnieuw) te bepalen.

In het nieuwe jaar gaat de blog-marathon weer verder. Emancipator nodigt iedereen uit om zelf bij te dragen aan het gesprek en aan de oplossing voor het probleem van geweld tegen vrouwen.

Om daartoe een aanzet te geven herhalen we de eerste blog van deze serie, waarin Khadim Zaman een indringende vraag stelde: Wat voor man ben jij?

Khadim Zaman – Wat voor man ben jij?

Omdat de discussie rondom #MeToo hier en daar lelijke vormen begint aan te nemen, doe ik hier een poging deze kluwen te ontwarren en een (sociaal) model te maken van het ‘systeem’ dat al die #MeToo getuigenissen impliciet beschrijft. Dat ziet er zo uit:

1. Het bestaat uit mannelijke verkrachters en aanranders, die hun lusten fysiek op vrouwen botvieren, zonder permissie te vragen en te krijgen.

2. Het bestaat uit mannen die hun lusten verbaal kenbaar maken aan vrouwen, zonder een intieme/romantische relatie te hebben met deze vrouwen, terwijl de vrouwen in kwestie niet expliciet toestemming hiertoe hebben gegeven.

3. Het bestaat uit mannen die vrouwonvriendelijke opmerkingen en grappen maken, en ontkennen dat ze daarmee een omgeving creëren, waardoor mannen uit de eerste groep – de verkrachters en aanranders – zich gesterkt voelen in hun visie op vrouwen, en minder snel hun gedrag als fout zullen zien.

4. Het bestaat uit mannen die weten dat we leven in een samenleving die een, voor vrouwen én mannen, toxische mannencultuur in stand houdt, maar die hun mond houden, wanneer ze bijvoorbeeld andere mannen op denigrerende wijze horen praten over vrouwen. Dit is, of omdat ze de relatie met hun ‘buddies’ niet op het spel willen zetten, of omdat ze vinden dat ‘een grapje toch moet kunnen’.

5. Het bestaat uit mannen die hun verantwoordelijkheid nemen, wanneer ze verkeerd gedrag zien bij andere mannen. Mannen die actie ondernemen, die hun mond open doen om vrouwen in het nauw te ondersteunen. Mannen die niet al hun energie stoppen in het proberen zichzelf te vrijwaren van slecht gedrag (‘Hé, ik ben wél een goede man, hoor!’). Zelfs niet wanneer sommige vrouwen alle mannen over één kam lijken te willen scheren. Ze weten waar hun prioriteiten liggen, en die liggen niet bij hun eigen kleine ego’s.

Als man vraag ik je: herken je jezelf in een van bovenstaande categorieën? En als je jezelf -niet- in de laatste categorie plaatst, wat ga je er aan doen om dat te veranderen? En wat ga je doen om andere mannen, die niet zover zijn, te helpen die kant op te bewegen?

 

Deze blog verscheen eerder op https://www.facebook.com/khadimschrijft/

blog 29: Geen Geweld

een man slaat zijn vrouw niet

 

ik heb jou nooit geslagen maar harder

geraakt met mijn groter wordende pupillen

nooit heb je mijn handen gevoeld want

mijn stem kneep jouw keel harder dicht

 

ik zal jou nimmer schoppen want in

gezelschap trap ik jou in een hoek

ik hoef jou nooit meer te raken want

mijn geur zit in jouw hoofd verstopt