blog 16: “Ach joh, moet je tegen kunnen.”

Mijn #metoo verhaal van beide kanten.

Ik schaam me nog voor een verkeerde hand op een borst. Dit gebeurde tijdens een theaterweek, lang geleden. We zitten in een auto en zij schuift dicht tegen me aan. Er is een onderlinge band. Ik sla mijn arm om haar heen. “Ik ben verliefd.” zegt ze. Dat is leuk, want zij is leuk. Heel vriendelijk geef ik met de hand die over haar schouder ligt een klein kneepje in haar borst. Ze kijkt me vreemd aan. Wat later tijdens een wandeling vertelt ze me ze verliefd is op een leuke meid in onze groep. Het stijgt me rood naar de wangen. Ik had haar zin over verliefd zijn helemaal verkeerd geïnterpreteerd. Ik zat heel fout. Sorry. #metoofout

Ik acht het enerzijds gezond dat ik me jaren na dato me daar nog voor schaam. En ik ervaar ook dat de angst voor zulke schaamte me ook veel heeft doen vermijden. In het hele spel van communicatie tussen man en vrouw, tussen erbij horen en eruit liggen, tussen voorrechten van baas zijn en misbruik maken van, liggen heel veel dunne lijntjes. Verkeerde interpretaties, bewust verkeerde interpretaties, scherpe grenzen als grens, schijnbaar scherpe grenzen als uitdaging. Waar begint het een en eindigt het ander?

Voordat ik mijn vergissing beging was het eerder andersom. Begin jaren ’80 was er een hele sterke feministische golf. Ik weet nog een keer dat ik een vrouwenboekhandel binnenstapte om een boek voor een vriendin te kopen. Alleen al de blik van de verkoopster, die ‘verkrachter’ leek te roepen bij de eerste stap over de drempel, deed me meteen omdraaien. Vrouwen om me heen vertelden zoveel nare verhalen dat ik juist extra voorzichtig was. Ik durfde lang juist te weinig, want liefde, laat staan interesse bekennen, kon ten slotte al lastigvallen zijn. Te lang probeerde ik niks, juist vanwege de agressie naar mannen die lastigvielen. Ik heb het hele experimenteren in mijn jong volwassenheid overgeslagen. Maar waar werd die angst om me überhaupt uit te spreken geboren? Wellicht is dat mijn #metoo. Waarom stel ik dit? Omdat, als dit gesprek enkel om pakken van de foute mannen gaat, de essentie niet besproken wordt. De daders onthullen opent slechts het gesprek. De essentie ligt dieper in het systeem.

Stel je jezelf eens voor dat je als 14-jarige jongen smelt van een zacht konijntje in je armen. En dat je dat tegen je(stoere) vrienden vertelt. Ze zouden over de grond rollen van het lachen, of je daarover bespotten, ook al, zouden ze zelf ook genieten van zo’n moment. Wat is er mis met lachen om zachtheid?

Sociale druk vormt mede ons gedrag.

“Ach joh, moet je tegen kunnen!” “Geintje.” “Jij bent toch geen mietje, he?” Zomaar drie zinnen die jongens onderling veel bezig(d)en. Of ‘mietje’ nog steeds zo in gebruik is weet ik niet. Wat ik wel weet is dat ik, zoals de meeste mannen, emotioneel bedreigd ben, om vooral geen zachte gevoelens te tonen. #metoo ruw een hand in mijn kruis gestoken krijgen van je vrienden omdat je ‘daar’ als man lekker los in moet zijn. #metoo uitgelachen worden, juist omdat ik nog nooit gezoend heb. Of geen alcohol drink (dronk). Of juist niet vechten wil. Of om ‘op wie ik ben’. Of niet durf te zeggen op ‘wie ik ben’. Of..

Jongens kunnen elkaar onderling op alles pakken, als er eentje niet aan de ‘norm’ voldoet. Een vage norm die heel makkelijk verschuift, of zelfs ter plekke uitgevonden wordt om iemand tot iets te dwingen, van kleine vernedering, tot vernieling, tot winkeldiefstal, en erger. Drugsverslaving, groepsverkrachting en deelname aan georganiseerde misdaad komen hier ook uit voort. Dit gedrag is eigenlijk de basis voor mannen met macht, die zo leren hoe je middels emotionele druk anderen je zin kan laten doen.

Je bent juist geen sterke jongen als je macht misbruikt, maar emotioneel instabiel.

Onze cultuur maakt dat je gaat geloven dat gevoeligheid vertonen onveilig is. Twee dingen gaan fout in dit gedrag. Enerzijds traint het de overtuiging dat degene die zo de ander dwingt de baas is. Een ander kunnen dwingen tot gedrag dat jij wilt wordt zo, soort van, ‘normaal’, van jongs af aan. Anderzijds leidt dat ook tot de overtuiging dat je pas zacht kan zijn, als je zeker weet dat je in controle bent. En daarin zijn twee vormen van controle. De uiterlijke en de innerlijke.

In de uiterlijke zorg je voor controle over de ander. Dit is de basis van machtsmisbruik, die de dader zelf als noodzakelijk (kwaad) zal interpreteren. En de ander tot schaamtevol zwijgen dwingen, zien zij dan juist als middel om die veiligheid zeker te stellen. “Hé, ik laat mijn penis zien, en daar ga jij over zwijgen, toch, want anders kwets je mijn kwetsbaarheid.” Ik zag dit in een andere vorm bij een praatprogramma (Ik geloof Paul & Witteman). Een minister spreekt zich uit tegen een vrouw in een rolstoel. Zij deelde zojuist dat ze door een nieuwe ‘zorg’regeling geen kant op kan en haar leven nu nog meer vleugellam is. Antwoord de minister, alsof zijn positie even erg is: “U begrijpt toch ook wel dat het voor mij niet makkelijk is om u dat te vertellen.”

In de innerlijke vorm wil je eerst 100% zeker weten dat zacht zijn veilig is voor je iets laat zien. Je blijft dus eindeloos wachten en hopen op een opening. Sommigen steeds bozer dat ze niet gezien worden. Soms slaan ze door. Anderen blijven teveel de veiligheid zoeken en vinden nooit de gezonde balans. Veel verlegen mensen leven dit laatste. Ik ken iemand, diep in de 50, die nog nooit een vrouw benaderd heeft. Ook dat is tragisch.

Ik zelf was een gevoelig kind met zachte kanten; meer een kunstenaar en uitvinder dan een ontdekker en vechtersbaas. Dat laatste al helemaal niet, al werd er bij mij in de buurt tussen soort van straatbendes regelmatig gemept. Op de lagere school leerde ik echter af, mijn voorliefdes bekend te maken. Want onderling was men erg bezig om te kijken waar je op gepakt kon worden. Eerst sloeg ik dicht en werd zeer verlegen. Later op de middelbare school werd ik zelf ook een tijdje meester in die kunst. Met woorden vooral. Elke mededeling van een ander die ook maar iets blootgaf, was een tak om te snoeien. En ik verstopte mezelf achter het mes. Het is omdat ik voelde dat ik daar zelf ook onder leed en, zeker naar vrouwen, zeer verlegen was, dat ik theater ging doen, om naar buiten te komen en normaal mens te worden. Dat kostte een aantal jaren bewust werken aan mezelf. Toen pas ging ik meer durven.

Mijn eerste liefde gebeurde pas toen ik richting 30 ging. Die verkeerde hand op die borst vond plaats toen ik een nieuwe zocht daarna. Zo’n blunder wil ik niet nog eens maken. Nog steeds voel ik me onveilig in elke situatie waarin iets meer dan leuk kan ontstaan. Is dat ook een vorm van geweld, tegen mezelf? Let wel, ik besef dat heel veel vrouwen diezelfde onveiligheid ervaren. Iets teveel toenadering kan verkeerd gelezen worden en of echt onveilig voor de ander zijn. Ik heb zelf ook die ongewenste mannelijke hand op mijn knie gehad #metoo terwijl ik dacht als jongen veilig te zijn. En te weinig laten merken is ook weer zo wat. Hoe doe je dat op een juiste manier? En intussen spelen anderen er weer mee, ook om macht over mannen te houden. En doen ze dat om nieuwe #metoo’s te voorkomen, of juist omdat ze vrij van zulke angsten zijn?

We moeten het gesprek voeren. Hardop. En ook over machtsmisbruik bij elke ‘nee’ die nodig bleek. Zeker als dat kansen kostte. Zinnen als “Kijk, als je niet meewerkt zie ik weinig kans voor je bij de televisie.” kunnen eigenlijk al niet. Wie hier ‘nee’ op zegt, wordt dus eigenlijk ook ‘genaaid’, want je talent speelt dan even geen enkele rol. Zulke zinnen zijn deel van het systeem van macht. En dat systeem moet als geheel ter discussie staan. Vergelijkbare zinnen door directeuren, docenten, producenten zouden opgenomen moeten worden. Wat wordt er werkelijk gediend bij dat soort druk? En om helemaal bij het begin te beginnen: Wat kunnen we aandacht geven op school, of in ons gezin, dat zulk gedrag aanpakt?

Wat kunnen vrouwen intussen doen? Ik denk samenspannen. Inderdaad. Bij de bonobo’s, van wie wij genen hebben, treden vrouwtjes samen op tegen mannen die te ver gaan. Als een mannetje ongewenst gedrag vertoont, gaat een groep vrouwen ‘even met hem praten’. Op het moment, in onze eigen geschiedenis, dat paren in aparte huizen trokken verdween het matriarchaat. Ineens was de vrouw gescheiden van haar vriendinnen en de man had zijn kracht en haar had hij alleen. Wellicht dat nu, met modern app’s, vrouwen weer als groepen mannen kunnen aanspreken. Hem eerst samen terzijde nemen, en als dat niet helpt openbaar. Want wie fouten maakt vreest de schaamte. En zij die zich niet schamen, geen empathie kennen, kunnen voor het geheel van onze samenleving ook nooit gezonde leiders zijn. Daar is, meen ik, strikt stevig optreden noodzakelijk. Dus vrouwen, deel met elkaar wat er speelt.

En voordat alle toenadering dichtslibt kunnen we samen wellicht een taal ontwikkelen wanneer wel iets mag of gewenst is. Door beiden gewenste sex is tenslotte gezond. Met de angsten om de foute interpretaties doen we elkaar ook tekort door wat we achterhouden. Dat kan helderder. In Spanje schijnt ‘nee’ ook helder nee te betekenen. Voor een Italiaan betekent ‘nee’, ‘probeer harder’. Daar is de begrenzende sleutelzin: “Zou jij jouw zus ook zo benaderd willen zien worden?” Misschien kunnen wij ook zo iets vinden. Een zin die machtsmisbruik (richting ongewenst gedrag) al een halt toeroept. Ook hebben we manieren nodig om fouten te mogen maken om van te leren. Ik was onlangs nog zelf iets te vroeg met een hug, ze verstijfde, en ik hield daarop halverwege in. Dat is wakker zijn in het moment. Zoeken naar wat passend is, hoort erbij. Dat is niet te vergelijken met ‘lekker fouten maken’, en later beweren dat je ‘dat’ nog te leren had. Herkennen we niet allemaal het verschil in toon?

En mannen moeten elkaar helpen zachter te zijn. Gevoelig zijn betekent niet dat je een zwakkeling bent. Ware kracht, ben ik inmiddels achter, is zacht durven en kunnen zijn; ook als dat spannend is. Bewonder elkaar meer om wie dat durft. Want het is onze cultuur, waarin we nog steeds denken dat macht gelijk is aan kunde. We leiden mannen op, juist ook in de cultuur van jongens onder elkaar, om macht over anderen te ontwikkelen, met het misverstand dat dit leiderschap is. En veel van de huidige leiders die dat gesprek niet aan willen, hebben waarschijnlijk geheimen, belangen, die ze verdedigen met verdraaide werkelijkheden. Wellicht dat een eenmalige waarheidscommissie kan helpen, zoals bij het einde van de Apartheid, om de kaarten echt op tafel te krijgen. Dat is politiek. Voor nu, ga het gesprek aan.

 

Deze blog verscheen eerder op https://medium.com/floris-in-het-nederlands/mannen-daders-en-slachtoffers-tegelijk-413b78376947

blog 15: Leidt #metoo tot een seksloze politiestaat?

Ja, ik ben de man die waarschuwde tegen manonvriendelijk, radicaal feminisme. Die zei dat we nou niet meteen, omdat we een varken in het Witte Huis hebben, in een kramp moeten schieten. Dat we nou niet meteen alles wat los en vast zit seksistisch moeten noemen. En toen kwam #metoo en schreef ik daarover een stuk dat sommigen verraste.

Ik krijg commentaar van mannen die zeggen ‘ja hallo, ik dacht dat jij het juist voor de mannen opnam, en nu wil je zeker een stickertje halen bij de feministen’. Nee, ik denk echt dat het er nu om gaat dat mannen zich bewust worden van dit probleem, en we hoeven helemaal niet zo bang te zijn dat we nou opeens in een aseksuele samenleving belanden.

Ik ben een voorstander van “positief aantrekkingsgedrag” (een term die ik voorbij zag komen, al vind ik hem niet erg sexy klinken), en misverstanden en schaafwonden horen bij het leven, maar de aandacht moet nu uitgaan naar hoe vaak het voorkomt dat gedrag echt grensoverschrijdend is en dat er kennelijk toch nog een cultuur bestaat waarin dat vaak volledig ongestraft gebeurt. Daarover gaat #metoo.

Het is hetzelfde als wanneer iemand zegt dat ik mijn administratie beter op orde moet hebben, wat 100 procent waar is, en dat ik dan zou gaan zeggen : ja, nee, maar ik wil niet zo iemand worden die altijd maar achter zijn computer zit om alles in een excel sheet te zetten en die alleen maar bezig is met alles 100 procent op orde hebben !

Dat zal zo’n vaart niet lopen. Als dat gebeurt, dan kunnen we weer aan die kant van het spectrum een correctie gaan toepassen. Ik zal de eerste zijn om te zeggen: helaas, mensen, we zijn met dat #metoo he-le-maal doorgeslagen, er is geen lol meer aan zo!

Maar tot nu toe, altijd wanneer het ging om het ‘beschaven’ van de mens en het indammen van instincten, is gebleken dat de menselijke natuur altijd nog wel van zich laat spreken. En dan zitten we net even beter waar we moeten zitten. We blijven mensen, maar leven prettiger samen.

Als je je kamer opruimt, woon je nog steeds niet in een ziekenhuis.

 

Deze blog is eerder gepubliceerd op www.colinvanheezik.wordpress.com

blog 14: Heb het er eens over (een beeldverhaal)

Naar aanleiding van #MeToo tekende Alex Skim op verzoek van Stijn Schenk het volgende beeldverhaal

 

 

Het verhaal over hoe Stijn Schenk ertoe kwam deze beeldverhalen te laten maken, leest u later in deze serie.

blog 13: Het verhaal dat we onszelf vertellen

Volgens mij denken mensen in verhalen. En het verhaal rondom seksueel geweld was vaak het verhaal van Anne Faber: het slachtoffer is één van ‘ons’, de dader een gewetenloos monster wat in de bosjes op zijn prooi wacht.

#Metoo vertelt een ander verhaal. Duizenden momenten die stil, gesmoord in angst en schaamte, soms decennia lang, onder de bodem van het normale leven hebben gelegen. Voor veel mensen was dit een schok. Maar niet voor iedereen. Niet voor de slachtoffers, niet voor de professionals die zich dagelijks met deze problematiek bezig houden, en niet voor mij.

Al anderhalf jaar werk ik, samen met mijn co-regisseuse, intensief aan een film over seksueel geweld. En precies tijdens de afronding van de film brak #metoo open. Veel mensen zeiden tegen ons:  “Wat een goede timing!”, maar zo voelt het niet. Ik ben er kapot van. Kapot van de pijn die nu eindelijk een stem vindt, kapot van het besef dat ik ergens nog steeds niet toe wil laten hoe erg het probleem is en kapot van de muur van onbegrip, excusering en ondermijning die wordt opgeworpen.

De cijfers zijn al lang bekend: 40,3% van de Nederlandse vrouwen en 12,7 % van de mannen worden in hun leven aangerand of verkracht[1]. En maar tussen 15 % en 19 % van de gevallen gaat het dan om een voor het slachtoffer onbekende dader[2]. Veel vaker zijn het, partners, vrienden, familie, leerkrachten of collega’s die er voor kiezen om de menselijkheid van naasten te negeren.

Hoe deze koude cijfers de contouren van talloze onzichtbare verhalen vertellen ervoer ik zelf toen ik mijn eigen kringen openlijker over dit onderwerp begon te praten. Ik kwam achter verhalen van dierbaren die ondanks onze nauwe verbinding deze ervaringen niet hebben durven delen. Ik kwam achter verhalen van kenissen en collega’s die soms zelf niet doorhadden wat hen was overkomen. En ik stuitte op verhalen van vrienden die mij deden schrikken. Om de giftige rationalisaties die werden opgevoerd om bepaald gedrag goed te praten.

#Metoo overviel ons. Maar in werkelijkheid was het een realiteit die er altijd al was, die nu vecht om geïntegreerd te worden in het verhaal dat we onszelf vertellen.

Dus wat nu? Hoe gaan we hier iets aan veranderen? Kunnen we er iets aan veranderen? Er is een aantal praktische zaken die naar mijn mening sowieso overwogen moeten worden. Zoals educatie over grenzen en grensoverschrijding bij jongeren. Voorlichting bij de politie over de cijfers rondom valse aangiften en hoe de kleding van slachtoffers, de plek waar ze zich bevonden, of hoelang het heeft geduurd voordat ze met hun verhaal naar voren zijn gekomen niets te maken hebben met het strafbare feit. En betere opvang voor slachtoffers, iets waar Centrum Seksueel Geweld, god zij dank, nu belangrijke stappen in maakt.

Maar het belangrijkste is volgens mij nu, dat we het verhaal dat #metoo vertelt kunnen toelaten in hoe we naar de wereld en onzelf kijken. En helaas zie ik in de media, maar ook in mijn directe omgeving, veel mensen met een sterke weerstand hiertegen.

En dat is begrijpelijk. Niet voor niks is loopt Tom, de hoofdpersoon in onze film, aan tegen zijn onvermogen om het leed van zijn slachtoffer te erkennen. Want als hij het zou toelaten zou hij de grip over zijn eigen verhaal, zijn eigen identiteit, zijn zekerheid, zichzelf kwijt raken. De verhalen die we onszelf vertellen hebben een functie. Ze geven ons veiligheid, geborgenheid, en wellicht het belangrijkste: betekenis. Dat loslaten doet pijn.

Maar we hebben wel de keuze. Het is moeilijk, maar het kan. Slachtoffers is die keuze afgenomen. Zij leven met een realiteit waar ze geen zeggenschap in hebben gehad. En daarom is het onze verantwoordelijkheid om het oude verhaal los te laten.

En met ‘ons’ doel ik vooral op mannen. Want natuurlijk is iedereen in staat om te verkrachten en ook kan eenieder slachtoffer worden van seksueel geweld. Het gefolterde lichaam stijgt boven classificaties als geslacht, geaardheid en seksuele voorkeur uit. Maar laten we eerlijk zijn, er is bij lange na geen symmetrie tussen mannen en vrouwen als het op dit onderwerp aankomt.

Tijdens het maken van de film ben ik vaak door mijn eigen herinneringen heen gegaan, met de vraag waar ik mezelf schuldig heb gemaakt. En tot mijn schrik heb ik ook mijn eigen beeld van een zachte, lieve, “die-doet-zoiets-niet” jongen los moeten laten. Ook ik probeerde, toen ik 15 was, onder het truitje van mijn toenmalige vriendin te komen, ook al wilde ze dat niet. Waarom? Omdat ik aandacht voor haar blijkbaar minder belangrijk vond dan het niet achterblijven bij de seksuele exploratieve prestaties van mijn mannelijke klasgenoten. Ook ik probeerde, toen ik 21 was, door middel van een griezelige massage, mijn ex, die even op bezoek kwam, zo ver te krijgen om met me naar bed te gaan. Waarom? Omdat ik vond dat ik het had verdiend. Omdat ze jaren eerder met een andere jongen had gezoend toen we iets hadden.

Ook ik kan de menselijkheid van een ander negeren. En ook ik heb dat gedaan. Maar ik heb me daar nooit zorgen over hoeven maken. Ik heb daarvoor nooit mijn zelfbeeld bij hoeven stellen. Mensen zijn nooit anders naar me gaan kijken. Want zo gaat dat, en zo gaat het voort.

Tot we kiezen om verantwoordelijkheid te nemen. Slachtoffers en hun realiteit te erkennen. Zien hoe, in het verhaal wat onszelf vertellen, wij als mannen makkelijker met het negeren van de menselijkheid van de ander wegkomen. Hoe dat ons macht geeft. En dus begrijpen dat, al hebben we zelf nooit iets gedaan, we nog steeds genieten van een positie die ons bevoordeeld als we wel iets doen. Hoe we allemaal een plek hebben in het collectieve verhaal. En dat wij het daarom moeten veranderen. Wij hebben de keuze, de slachtoffers niet. En dat maakt alles anders.

 

[1] Rutgers WPF en Movisie – ‘Seksuele grensoverschreiding en seksueel geweld: feiten en cijfers’. p.7

[2] Stans de Haas – ‘Seksueel grensoverschreidend gedrag onder jongeren en volwassenen in Nederland’. Tijdschrift voor Seksuologie (2012) 36-2, p.142

blog 12: De keuze voor ‘good practice’ (#mij niet gezien)

Als wij mannen stoppen met onszelf instrumenteel in te zetten, ons lichaam als een machine te gebruiken, dan kunnen we ‘bevriend raken’ met ons lichaam. Als we onze preoccupaties los kunnen laten, niet verdringen (of wegdrinken) maar vanuit een stille aanwezigheid waarnemen, dan kan ons lichaam ‘weer aan onszelf teruggegeven worden’. Dan kunnen we ook de ander zien, en ontmoeten. Dat kan de intimiteit in relaties terugbrengen. Overgave is hier een sleutelwoord: alle dwangmatige controle loslaten en waar nodig onmacht erkennen. 

De priester Henri Nouwen schrijft en spreekt openhartig over wat het werk met Adam (een gehandicapte jongen) hem doet. Hij zegt dan: als je Adam verzorgt, voedt, aankleedt, wast, dan moet je omgaan met je eigen gevoelens van woede, machteloosheid, lust. Deze eerlijkheid en authenticiteit raken mij. Als je oprecht je eigen gevoelens onder ogen ziet (bv lust) en je neemt ze ‘in eigen beheer’, dan zal er geen misbruik voorkomen.

Dit is een voorbeeld van ‘good practice’. Zo moet het dus.

 Bij (sexueel) geweld en misbruik gaat het altijd om keuzes in een context. En om machtsverschillen. Maar je bent er zelf bij. Vergeet dat nooit.

Mijn tweede voorbeeld maakt dat op speelse wijze duidelijk. De sorteerhoed in de boeken van Harry Potter. Deze hoed maakt Harry duidelijk dat hij het in zich heeft om voor Zwadderich te kiezen. Hij kán dat doen. Maar hij hoeft dat niet te doen. Jij/ik ook niet.

We kunnen kiezen voor Griffoendor.

 

blog 11: Vaders als rolmodel en inspirerend voorbeeld

Vaders hebben een belangrijke taak in het creëren van een wereld waar mannen respectvol met vrouwen omgaan.

Verlangen van een puber

Een jaar of veertien was ik. Een jongen die begon te puberen en zich geen raad wist met de ontwikkelingen in zijn lichaam. Een jongen die wel wist wat seks was, en ook wat vrouwen en meisjes voor effect op mij hadden. Op school leerde ik over voortplanting. Met een leeftijdsgenoot leerde ik over de grenzen te gaan van meisjes. Ik was een verlegen jongen die snakte naar intiem contact met meisjes en niet wist hoe dat voor elkaar te krijgen. Ik verlangde naar contact en verbinding, en naar gezonde intimiteit. Ik verlangde ernaar mezelf te leren kennen als seksueel wezen en mistte daarin de begeleiding en het inspirerende voorbeeld van mijn vader.

Moppen over seks

Wat ik van mijn vader over seksualiteit heb meegekregen, was verpakt in humor met daaronder ongemak en schaamte. Mijn vader hield van moppen, en veel daarvan gingen over seks of de klassieke verschillen tussen man en vrouw. Ik kan me de momenten nog herinneren dat hij zo’n mop vertelde en dat ik daar weinig mee kon. Het ongemak dat er toen tussen ons was, ontroert me als ik er zo aan denk. Ik kan me zo goed voorstellen dat hij verbinding met me zocht en niet wist hoe. Op deze manier was het er in ieder geval niet.

Behoefte aan begeleiding

De verbinding met mijn vader was er ook niet op die momenten dat hij me als tienjarige jongen uit wilde leggen wat seks of masturberen is en wat daardoor kan gebeuren. Ook dat was verpakt in humor waaruit ik de conclusie trok dat ik dit deel van mezelf, mijn seksualiteit, maar beter zelf moest ontdekken. Terugdenkend aan mijzelf in die tijd, had mijn intieme leven er heel anders uit kunnen zien wanneer ik begeleiding en support had gehad van mijn vader of een andere mannelijke begeleider.

Rolmodel in man-zijn

Ik ben als puber met momenten over de grens gegaan bij meisjes. Op manieren die nog onschuldig zijn, omdat ik niet verder durfde te gaan, en omdat ik het niet vond kloppen om hun grenzen verder te overschrijden. En toch, hoe onschuldig ook, had ik mijn vader hierin goed kunnen gebruiken. Hij was mijn rolmodel wat betreft man-zijn en hij had me mee kunnen nemen in de wereld van de man. Door zijn eigen beperkingen hierin, kon hij me dat niet geven. Daarin kan ik hem nu als volwassen man vergeven. En de jongen in mij mist hem nog steeds hierin.

Jongens meer gunnen

Ik heb werk gedaan op het gebied van intimiteit zodat ik er een stuk vrijer in mijn eigen seksualiteit ben, en er zijn nog stappen in te zetten. En ik gun iedere jongen van nu een vader die hem mee kan geven wat het is om een man te zijn, om een seksueel wezen te zijn, en om met vrouwen om te gaan vanuit respect en nieuwsgierigheid voor elkaar. Ik gun iedere jongen van nu om via zijn vader te leren wat het is om een mens te zijn in een lichaam van een man. En als de vader dit niet kan of wil geven, in ieder geval een mentor.

Eerlijk en bewust worden

Vanuit dit persoonlijke verhaal nodig ik jou als (mede)vader met een zoon (of meerdere) om bewust te worden van jouw rol in de seksuele ontwikkeling van hem. Word eerlijk in het voorbeeld dat je voor hem bent als het gaat om de relatie met vrouwen. De relatie met de moeder van je zoon is het eerste voorbeeld, en ook hoe je met ander vrouwen omgaat, of hoe je over vrouwen praat met andere mannen. Hoe wil jij dat jouw zoon met vrouwen omgaat? En ben jij daarin het voorbeeld?

Een pittige klus, doe het samen

Wanneer jij als man, als vader, een bijdrage wilt zijn in het creëren van een wereld waar mannen vanuit respect met vrouwen omgaan, dan is het jouw taak om het voorbeeld voor jouw zoon daarin te zijn. En ja, dat kan een pittige klus zijn. En ja, het is enorm bevrijdend en lonend om hierin bewust en eerlijk naar jezelf te worden. Sta eens stil bij de relatie met je eigen vader hierin, lees over dit onderwerp, praat er met andere mannen over, praat er met je zoon over, zoek er hulp bij. Wat je ook doet, doe het samen.

 

Patrick Timmermans is het gezicht achter Vader Visie (www.vadervisie.nl/)

blog 10: Het persoonlijke is politiek, en vice versa

Als docent Conflictstudies aan de Universiteit van Amsterdam praat ik vaak over actuele onderwerpen. Tijdens een werkgroep die ik onlangs gaf, over het thema ‘Gender & Conflict’, bracht ik de #MeToo-campagne ter sprake. Het gesprek dat ontstond was enerzijds voorspelbaar, maar voor sommige aanwezigen in zekere zin toch verrassend.

 Vrijwel alle vrouwelijke studenten kwamen met nare (en soms zelfs vreselijke) verhalen over hoe ze door mannen lastiggevallen waren, of erger. Hoewel de discussie enigszins louterend werkte voor diegenen die hun verhalen konden delen, zeker omdat het soms fijn kan zijn om er zo achter komen dat je niet alleen staat, leek het mannelijke deel van de studenten vooral geschokt. Ze wisten dat deze dingen voorvallen, natuurlijk, maar op zo’n schaal? “Overkomt het jullie echt allemaal?” Ja dus. En blijkbaar maken vele persoonlijke verhalen samen meer indruk dan een enkele individuele ervaring.

“Het persoonlijke is politiek” was één van de toonaangevende leuzen van de feministische beweging in de jaren zestig en zeventig, die ook wel de ‘Tweede Golf’ wordt genoemd. Je kunt deze leuze op verschillende manieren interpreteren, maar ik haal er zelf vooral uit dat ervaringen die op het eerste oog persoonlijk lijken, zoals het hebben van een ondergeschikte rol in een relatie of het ondergaan van fysiek en/of psychologisch geweld binnen het huwelijk, wel degelijk politiek zijn als ze door meer mensen (in dit geval vrouwen) gedeeld worden. Persoonlijke ervaringen worden zo collectief en dus een zaak van ons allemaal.

Het is dan ook niet vreemd dat politiek een rol speelt in alle discussies over #MeToo. Deels komt dat politieke aspect naar voren op een vergelijkbare manier als tijdens de Tweede Golf, omdat seksuele intimidatie en seksueel geweld naast hele persoonlijke ervaringen ook, blijkens de vele getuigenissen, een collectief probleem zijn. Maar deels ook omdat #MeToo een politieke kleur toebedeeld krijgt. En dat laatste is nogal verwarrend.

Zowel in Nederland, bijvoorbeeld in reactie op beschuldigingen van seksuele intimidatie aan het adres van een prominente VARA-medewerker, als in de Verenigde Staten, waar een als progressief bekendstaand, Democratisch congreslid een vrouwelijke collega had aangerand en betast, wordt handenwrijvend geconcludeerd dat al die progressieve #MeToo-activisten de hele ophef nu als boemerang terug in het gezicht krijgen.

Deze constatering is onbegrijpelijk en contraproductief, en wel om twee redenen. Ten eerste zijn machtsmisbruik en seksuele intimidatie niet voorbehouden aan mensen (lees: mannen) van een bepaalde politieke kleur. Seksueel geweld, in welke vorm dan ook, is niet een probleem dat gekoppeld kan worden aan links of rechts, of aan Democratisch of Republikeins, het is een probleem dat voornamelijk gekoppeld kan worden aan, jawel, mannen.

Begrijp me niet verkeerd, het is niet zo dat mannen nu eenmaal biologisch voorgeprogrammeerd zijn voor dit soort vormen van misbruik of oneigenlijk machtsvertoon, en dat dus mannen per definitie slecht zijn, maar het is overduidelijk het geval dat mannen wel dit soort gedrag vertonen. En dat maakt ze een potentieel gevaar. Dat komt met name doordat ze zijn opgegroeid en opgevoed in een sociale omgeving waarin ze dit aangeleerd krijgen. Maar gelukkig is het mooie van deze laatste invalshoek, die door veel academici met diverse wetenschappelijke achtergronden wordt onderschreven, dat het gedrag in principe dus ook weer veranderd of afgeleerd kan worden. Politieke kleur zou bij zo’n gedragsverandering geen rol moeten spelen, want machtsverhoudingen snijden dwars door al dit soort voorkeuren heen.

Dat laatste brengt me bij de tweede reden waarom ik een bepaalde vorm van politisering van de #MeToo-campagne niet begrijp. Zowel het tegengaan van seksuele intimidatie (en erger) als het promoten van gendergelijkheid, zou toch niet gemonopoliseerd moeten en kunnen worden door één kant van het politieke spectrum? Juist de diversiteit onder zowel de #MeToo-slachtoffers als -verdachten en -daders uit de verhalen, laat zien dat het een collectief probleem is. En een probleem dat collectieve actie behoeft. Of je nu op de partij van Thierry Baudet, Mark Rutte, Marianne Thieme, Sylvana Simons, Jesse Klaver of een andere politicus (m/v) hebt gestemd, iederéén zou toch tegen geweld en intimidatie moeten zijn?

Er is dus collectieve actie vereist. Met zoveel persoonlijke ervaringen moet dit wel een politieke kwestie zijn. Het is belangrijk dat onze volksvertegenwoordigers zich uitspreken en komen met beleidsvoorstellen om er iets aan te doen. Maar ik heb het ook over ‘politiek’ in de breedste zin van het woord. Dit gaat namelijk niet alleen over geïnstitutionaliseerde besluitvormingsprocessen of het agenderen in de Tweede Kamer. We hoeven dit niet alleen over te laten aan volksvertegenwoordigers waarvan velen zich in eerste instantie überhaupt niet geroepen lijken te voelen om dit op te pakken, maar we kunnen met z’n allen op heel veel vlakken zelf ook verandering teweegbrengen.

Binnen gezinnen en scholen, waar het de opvoeding betreft; in de media, qua rolbevestigende genderstereotypen en kortzichtige nieuwsberichten; in vriendengroepen, waar we mensen terecht kunnen wijzen bij grensoverschrijdend gedrag – op heel veel vlakken kunnen we zélf handelen. Uiteindelijk kunnen al deze kleine persoonlijke handelingen leiden tot collectieve effecten, die op hun beurt weer leiden tot minder negatieve persoonlijke ervaringen. Zo is het persoonlijke politiek, en wordt het politieke persoonlijk.

blog 9: Daders zijn altijd “de anderen”

Eind jaren ’90 van de vorige eeuw kwamen choquerende feiten aan het licht over sexueel misbruik in de katholieke kerk in de Verenigde Staten. Ik ben priester en heb in Amerika gewoond, dus voor mij voelde dit niet als een ver-van-mijn-bedshow. Maar voor anderen was het dit wel: voor menigeen is de katholieke kerk vooral erg vreemd en is Amerika toch een beetje een merkwaardig land, zogezegd. In het overwegend protestantse Amerika was het aanleiding om de katholieke minderheid in het land een goede schop te geven: alsof het misbruik typisch zou zijn aan de katholieken en hun kerk.

Des te groter was de shock, toen ook protestantse ambtsdragers werden aangeklaagd; hun slachtoffers voelden zich gesterkt door de slachtoffers die al voor het voetlicht waren gekomen. Geen enkel kerkgenootschap bleef uiteindelijk gespaard. Bovendien bleken de daders niet alleen de ambtdragers te zijn, maar eveneens medewerkers, vrijwilligers, dirigenten enzovoorts. Andere godsdiensten volgden; zelfs de boeddhistische monniken bleken niet immuun.

Deze onthullingen waren koren op de molen van Amerikanen die toch al vonden dat religie een te grote rol speelde in de samenleving of die überhaupt niks met godsdienst hadden. Georganiseerde religie en sexueel misbruik zouden hand-in-hand gaan. Geestelijke leiders mochten dus wel een toontje lager gaan zingen.

Maar met de onthullingen, rechtszaken en schadeclaims bleek het schandaal niet ten einde. Want vervolgens kwamen de berichten uit de gezondheidszorg, de gehandicaptenzorg, de psychiatrie, het onderwijs, de scouting en ‘die andere religie’, de sport. Bovendien kwamen de klachten al lang niet meer alleen van degenen die destijds minderjarig waren, maar steeds vaker van toentertijd volwassenen, met name van vrouwen.

Meer nog, de televisiewereld, Hollywood en ‘zelfs’ het leger zijn niet gespaard gebleven. Het wordt steeds duidelijker dat sexueel misbruik op grote schaal in de samenleving voorkomt. In feite ligt het overal op de loer waar machtsongelijkheid is – en waar is die niet?!

Langs ongeveer dezelfde lijnen ontwikkelt zich dit in Europa. Eerst kun je misschien nog denken dat het bij sexueel misbruik om ‘die anderen’ gaat – die vervloekte katholieken, die rare Amerikanen, corrupte mensen aan de top – of dat het een Westers probleem is. Maar dan blijkt dat het net zo goed – of beter, net zo slecht – voorkomt in bijvoorbeeld India en het Midden-Oosten. In alle lagen van de samenleving blijkt het voor te komen. En dan komt het opeens wel erg dichtbij. Want wat gebeurt er met mijn kinderen en partner als zij uit het zicht zijn? En: wat is mijn eigen aandeel in dezen?

Noem het wat je wilt: toespelingen, intimiderende opmerkingen, een hand op plekken waar het niet hoort, andere ongewenste intimiteiten, aanranding, verkrachting – het is niet allemaal hetzelfde, maar wel een vorm van misbruik van macht. Naar mate een systeem meer gesloten is (geheimhoudingsplicht, afhankelijkheid, gezag, een intieme, vertrouwelijke omgeving van collegialiteit, vrienden en… familie), is de kans groter dat iemand misbruik maakt van zijn vertrouwen en zijn ‘onaantastbare’ positie; er is toch niemand die het ziet, niemand wil er haar/zijn baan, studie of sociale band voor op het spel zetten en als iemand klaagt, wie zou er geloof aan schenken?

Er zijn ook jongens, mannen en vrouwen die door vrouwen zijn belaagd – en dit is vooralsnog een nog groter taboe. Maar wat nu duidelijk wordt, is dat het wijdverbreid is dat mannen met en zonder aanzien zich schuldig maken aan seksueel machtsmisbruik.

Ongetwijfeld zijn er historische, culturele en fysieke aspecten die maken dat meer mannen dan vrouwen zich op deze manier schuldig maken aan het misbruiken van hun macht. Maar ik hoop dat de onthullingen van deze tijd iedere man ertoe brengen om zich bewust te worden van de machtspositie waarin hij is en hoe hij omgaat met zijn macht.

Ikzelf ben katholiek priester, Provinciale Overste van Nederland en Noord-Duitsland en lid van de Congregatie van de Passionisten. Ik beleef mezelf niet als aanzienlijk en machtig. Toch realiseer ik mij dat ik dit in zekere zin wel ben. Gelukkig ben ik opgevoed met het idee dat een hoge functie en bijbehorende titel niet zozeer het resultaat is van hard werken waar je trots op mag zijn, maar allereerst betekent dat je wáár moet maken waarvoor die titel staat. Gebruik ik mijn positie voor het welzijn en het heil van de mensen die ik ontmoet, of ben ik – halfbewust – toch vooral met mezelf bezig? Ik besef dat mijn complimenten en kritiek een grote uitwerking kunnen hebben; ga ik hier oprecht en voldoende voorzichtig mee om? Wanneer een woord of gebaar wordt misverstaan, kan dit immers ernstige gevolgen hebben.

Door mijn omgaan met slachtoffers, mannen en vrouwen, van misbruik binnen en buiten de Kerk ben ik hier zeer gevoelig voor geworden.

Ieder bericht van sexueel misbruik maakt mij woedend en deprimeert mij. Bovendien schaam ik mij diep wanneer een collega moedwillig de fout in gaat. In de christelijke traditie is de mens immers primair beeld van God, wat betekent dat iedere vrouw en man niet alleen met respect, maar zelfs met eerbied moet worden bejegend. Het schenden van andermans integriteit is derhalve misdadig en zeer zondig. Macht en aanzien komen in deze visie met verantwoordelijkheid en zijn bedoeld om rechtvaardig en barmhartig het goede in een ieder te bevorderen.

Een eerste reactie is misschien om bij seksuele intimidatie en misbruik vooral aan anderen te denken; daar heb ik toch niks mee te maken?! De stroom aan berichten kan echter ook een aanzet zijn voor ons, mannen, tot bewustwording van de werkelijkheid waar wij allen deel van uitmaken en tot zelfonderzoek. Op welke wijze draag ik bij aan het in stand houden van situaties waarin seksueel misbruik kan plaatsvinden? Hoe werk ik mee aan het bestrijden van zulk onrecht en aan het bevorderen van een veilige omgeving, waar vrouwen en mannen gezien en gewaardeerd worden?

 

blog 8: Diversiteit als antwoord tegen machtsmisbruik

De Weinstein-affaire maakt wederom duidelijk dat dit vreselijke ‘roofdierengedrag’ samenvalt met het hebben van een ongelijkwaardige relatie, van de macht van de man over de vrouw. Macht corrumpeert bijna altijd. De een dwingt er meer macht of geld mee af, bij de ander gaat het om sex.

Ik schrijf als onderzoeksjournalist vooral over macht in het bedrijfsleven. Daar hebben mannen de macht. Twee maanden geleden werd bekend dat het aantal vrouwen in besturen van beursgenoteerde bedrijven is afgenomen van een toch al bedroevende 7 naar 6 procent. Het schiet niet op, we zijn bezig met de grootste talentvernietiging in de geschiedenis van dit land. Er komen al decennia meer vrouwen van hogescholen en universiteiten dan mannen, en met betere cijfers.

Diversiteit is essentieel voor goed bestuur, is noodzakelijk om de twee grootste crises-veroorzakende ziektes – groupthink en tunnelvisie – tegen te gaan. Sommige bedrijven zijn er trots op dat ze een vrouw in hun bestuur hebben, maar dat is niet genoeg. Eén vrouw tussen zes à zeven mannen kan niet anders dan mannengedrag kopiëren, als ze in dat ‘mannenspel’ wil overleven. Minimaal 40 procent van de bestuurders zou daarom vrouw moeten zijn. In zo’n bestuur is gender of sexe geen issue meer, doet het er niet toe, zijn het allemaal in de eerste plaats bestuurders.

We zijn hier in Nederland al 40 jaar mee bezig, het schiet maar niet op, laten we het gaan regelen, net als in landen als Noorwegen en Duitsland. Afspreken dat in 2020 40 procent van alle toezichthouders-commissarissen vrouw moet zijn. Zo zullen we ervoor zorgen dat top-down bij het benoemen van bestuurders al die goede vrouwen voor directeursposities wél worden gevonden.

 

Ik ben ervan overtuigd dat op het moment dat de macht beter wordt verdeeld tussen mannen en vrouwen, vrouwen veel minder afhankelijk zijn van de gunsten van machtige mannen en er dan vanzelf minder aanleiding/ruimte is voor het misbruiken van die macht voor seksueel roofdierengedrag.

blog 7: Ode aan…

Consent en alle vijftig tinten grijs aan situaties waar nog steeds een wederzijdse ja is vereist
wanneer rigide normen van mannelijkheid zich meester maken van hun seksualiteit
en de fragiele lichamen van tienerjongens zich omkrullen naar een vraagteken
over het lichaam van de ander waar ze noch bekend, voorgelicht of op gelijke voet mee zijn
maar wiens vragende blik te vaak onuitgesproken blijft

 

Opdat de vraag zich vervormt naar een hard uitroepteken dat de straten onveilig maakt
straatlantaarns tot broodkruimels maakt die aangeven wanneer de avondklok ingaat
en macht een gestalte aanneemt in de vorm van een man die van de publieke ruimte
zijn domein heeft gemaakt tot naar de systemen waar we midden in staan

 

Ode aan het werkwoord consent dat uit onze alledaagse vocabulaire lijkt te zijn zoekgeraakt wanneer een opmerking het vaak genoeg niet bij een opmerking laat
het doodgewoon wordt gevonden dat sleutelbossen niet voor deuren worden gebruikt
maar waar achter het woord ‘doodgewoon’ een akelige realiteit verschuilt
dat zich niet laat isoleren tot één incident dat wel het nieuws bereikt
of eigen verantwoordelijkheid misbruikt als het leidmotief
waardoor de dader op de achtergrond verdwijnt

 

Ode aan de activistische en feministische stromingen die voor de vrije seks hebben gevochten
en voor ons blijven vechten, want verandering wordt niet door één hashtag gemaakt
wanneer ons wordt herinnerd niet de nuance1 te vergeten voor wie deze beweging opgaat
die zich in de realiteit vertaalt naar stilgezwegen transvrouwen en sekswerkers zoals Bianca2
lhbt’ers3 die aangeven onze seksuele vrijheid niet te verwarren met consentloos aanraken
met mannen zich eveneens uitlaten over zowel hun dader als slachtofferschap4

 

Ode aan het moe zijn dat niet zwijgend de statistieken in verdwijnt
of de status quo legitimeert als een niet te bewijzen juridisch feit
maar zich hard maakt voor de stemmen die niet gehoord zijn
wakker liggen, dochters opbellen, ruimte maken, bij elkaar komen
en stilstaan bij hoe we als  samenleving met elkaar om willen gaan

A.J.

 

Dit gedicht verscheen eerder in het tijdschrift Lover (http://tijdschriftlover.nl/column/ode_aanconsent)

 

De verwijzingen naar artikelen geven extra context aan het gedicht en voor de lezer.

1 https://www.trouw.nl/opinie/de-focus-van-de-metoo-campagne-ligt-op-rijke-veelal-witte-vrouwen~a4811b63/

2 https://www.vogue.nl/cultuur/nieuws/artikel/mag-ik-ook-een-metoo-voor-trans-vrouwen

3 https://joop.bnnvara.nl/opinies/waarom-blijft-de-lhbt-gemeenschap-buiten-beeld-in-de-metoo-discussie

4 https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2201020-misbruikte-oud-militair-mike-het-misbruik-nam-echt-sadistische-vormen-aan.html