Waar staat papa? Vaderschapssymposium door het Vader Kennis Centrum en de UvA

vader-kennis-centrum-logoVaderschap als thema is in opkomst en Nederland heeft op dat vlak zelfs een wereldprimeur: een bijzonder hoogleraar ´Vaderschap´, Universitair Hoofddocent Renske Keizer. Zij opende op 19 juni het symposium ´Waar staat papa?´ met een uiteenzetting van de geschiedenis van wetenschappelijk onderzoek naar vaderschap tot heden. Opvallend is de weinig revolutionaire, haast conservatieve onderzoeksagenda rond vaderschap. Bijvoorbeeld het onderzoek naar (ontbrekende) vaders waarbij in eerste instantie worden gekeken naar vaders als rolmodel voor hun zoons, als bouwer van karakter en als disciplinerende kracht. Hoe stereotype kan je het maken. Wetenschap hobbelt achter heersende maatschappelijke opvattingen aan. Gevalletje droefgeestige Sociale wetenschap. Maar de toekomst wordt beter, Renske Keizer is immers net aangesteld.

Door naar de volgende spreker. Emeritus Professor Dr. René Diekstra (psycholoog en auteur) heeft er zin in. Hij begint met de aankondiging dat zijn verhaal wordt teruggebracht van driekwartier tot een halfuur wegens het uitlopen van de vorige spreker en gaat in volle vaart van start. Zijn onderwerp, het ontbreken van een specifieke focus op jongens bij de aanpak van jeugdzorg, vindt een gewillig oor. Diekstra vertelt enthousiast over zijn eigen ervaringen in Den Haag, hij heeft het publiek stevig in zijn greep. Jammer dat hij na een krap uur oreren zijn belofte om in te korten is vergeten en daardoor geen tijd meer heeft voor vragen.

Dan volgt de zakelijke presentatie van Saskia de Hoog (Women Inc.) waarin de cijfers over mannen en zorg voor de kids van het SCP verpakt zitten. Mannen zorgen ongeveer 1/3 van de tijd voor de kinderen, vrouwen 2/3. Daarnaast werken mannen zich ook nog gek. Gemiddeld meer dan 42 uur met kinderen tussen de 0-3 jaar. Wat is er mis met mijn generatiegenoten?

Na een hernieuwde kennismaking met Abdellah Mehraz vanTrias Pedagogica over hun methodiek van de opvoeddebatten (een week eerder zat ik ook met Trias Pedagogica in het panel van het Service Punt Emancipatie (SPE) en een aardig verhaal over onderzoek naar seksuele opvoeding door vaders (door dr. Channah Zwiep, van pedagogisch projectbureau Kind&Zo) is voor mij de spanningsboog moeilijk vast te houden. De koffiepauze gebruik ik om er tussenuit te knijpen. Deze zorgvader moet immers zijn twee bloedjes van kinderen van het schoolplein gaan plukken.

In retrospectief vond ik het geen onaardige bijeenkomst over vaderschap. Maar als onderwerp van onderzoek (vader die minstens 20 uur per week aan zorgtaken voor de kinderen besteedt) miste ik compleet het voor mij belangrijkste aspect van vaderschap: de betekenis van kinderzorg voor vaders zelf! Alle voordrachten gingen over de effecten van vaders op de opvoeding van kinderen. Begrijp me niet verkeerd, ook een belangrijk onderwerp. Maar als we de vaders van morgen aan het zorgen willen krijgen dan lijkt mij een goed verhaal over de voordelen van het vaderschap VOOR DE VADER onmisbaar. Want de man is, mede door het ontbreken van kennis op dit vlak, niet op de hoogte van de persoonlijke winst die hij kan halen uit het zorgen voor zijn kroost. En met een maatschappelijke norm voor mannen tot carrière maken, maatschappelijke macht verwerven en veel geld verdienen en het ontbreken van dezelfde normen voor mannen op het vlak van altruïsme en zorg, blijft de man voorlopig nog even een egoïst met een primaire focus op eigenbelang (ik spreek hier natuurlijk voor n=1, mezelf), dus laten we ´m dan ook op die kwaliteit aanspreken.

Arne van Huis is als Strategisch Adviseur verbonden aan Emancipator

Man ga zorgen

Dat was kort door de bocht de samenvatting van de discussie op vrijdag 12 juni. Toen ik, Arne van Huis, namens Emancipator in een panel zat rond het thema ´verdeling arbeid en zorg´ op een netwerkbijeenkomst van SPE (servicepunt emancipatie) in Amsterdam.

In het kader van de bezuinigingen op zorg wordt er de komende tijd steeds meer zelfredzaamheid verwacht van mensen die zorg behoeven. Met het terugtreden van de professionele hulpverlening ontstaat een vacuüm in de ondersteuning van ´lichtere´ zorgvragen. Het idee achter de participatiesamenleving is dat mensen dit ´gat in de zorg´ samen zullen dichten. In de praktijk dreigen de zwaarste zorglasten eenzijdig bij de vrouwelijke helft van de samenleving te belanden.

Daar zat ik dan als man voor het eerst formeel namens Emancipator voor een publiek van vrouwen in een panel met drie leden waarvan maar liefst twee mannen. Het was een wonderlijk gevoel te spreken voor een achterban die ik niet ken, vanuit ideeën waarin ik geloof maar waarvan ik niet weet of ze voor anderen ook relevant zijn. Dat gaf me een ietwat ongemakkelijk gevoel.

Daar kwam bij dat het publiek in te delen viel in hoogopgeleide witte vrouwen (grotendeels van de organisatie) en allochtone vrouwen in hoofddoek die behoorlijk van de tongriem gesneden waren.

Was mijn insteek niet te elitair? Teveel een GroenLinks grachtengordel vraagstuk?

Dat bleek gelukkig mee te vallen. Alle aanwezigen deelden het uitgangspunt dat het belangrijk was mannen te activeren rond zorg. Zorg voor hun kinderen, zorg voor de buurt, zorg voor hun ouders. Of dat nu typisch mannelijke zorg moest zijn – ´Geen nieuwe moeders`, aldus Abdellah Mehraz van Trias Pedagogica – of menselijke zorg leidde nog even tot een korte discussie. Alle zorg is toch zorg? Was het eigenlijk wel zo´n belangrijke vraag? Waren mannen bang om als moeder (lees vrouwelijk) getypeerd te worden? Maar uiteindelijk konden de meeste aanwezigen instemmen met mijn opmerking dat alle beweging van mannen richting zorg, hoe klein de stapjes ook zijn, beoordeeld kon worden als ´mannenemancipatie´.

Leuke bijeenkomst! Smaakt naar meer.

Arne van Huis is als Strategisch Adviseur verbonden aan Emancipator

Emancipator – mijn stage als Research Assistant

Foto-blog-stage-mirthe-kopieHet afgelopen half jaar heb ik met veel plezier bij Emancipator kunnen werken aan mannenemancipatie. De rol van mannen in het emancipatiedebat heeft mij altijd al geboeid. Ik heb een honoursvak gevolgd aan de UvA waarbij wij gasten voor een interview mochten uitnodigen en zo kwam ik bij Emancipator terecht.

Binnen mijn studie ben ik altijd vooral theoretisch bezig geweest en het leek mij leuk om mijn kennis een keer in praktijk te kunnen brengen. Tijdens deze stage heb ik zowel het praktische als het theoretische kunnen combineren. Ik heb meegeholpen een begin te maken voor het bronnenonderzoek, waarbij ik veel literatuur heb gescand over het onderwerp. Daarnaast heb ik mogen helpen bij het organiseren van verschillende evenementen, zoals het Emancipator Café en de Kick Off Meeting. Vooral ook deze praktische dingen vond ik leuk om te doen, omdat ik hier binnen mijn studie nooit mee in aanraking kwam.

Het leukste vond ik dat ik dankzij mijn stage bij Emancipator op verschillende plekken ben geweest waar ik anders waarschijnlijk niet zo snel terecht was gekomen. Ik heb bijvoorbeeld een hele dag inspirerende verhalen mogen aanhoren over emancipatie bij de TEDxWomen in Delft, heb een bijeenkomst helpen organiseren in Brussel en heb zelfs twee keer aanwezig mogen zijn bij een evenement van het European Institute for Gender Equality in het hart van de Europese Unie.

Al met al heb ik dus vooral heel veel leuke dingen gedaan, heb ik het gevoel dat ik me voor een goede zaak heb ingezet en bovenal dat ik erg veel heb geleerd het afgelopen half jaar. Ik vond het heel leuk om de mensen achter Emancipator te ontmoeten en beter te leren kennen en ik hoop ook in de toekomst deel uit te kunnen maken van deze inspirerende organisatie!

Mirthe de Boer

THE GENDER EQUALITY INDEX: EUROPE IS ONLY HALFWAY!

EIGE GEI Launch 150625At Thursday 25th of June Emancipator attended the Launch of the Gender Equality Index 2015 in Brussels organized by the European Institute for Gender Equality (EIGE ). The Index is in instrument for policy makers to give us insight in the progress Member States of the European Union achieved on their way to gender equality. The Gender Equality index focuses in 6 core domains: Work, Money, Knowledge, Time, Power and last but not least Health. EIGE updated the Index of 2010 with new numbers and figures, including scores for Croatia (as they entered the EU in 2013) and new insights in the field of Violence against Women.

THE INDEX: ONLY TRUE ACHIEVEMENTS
The Index gives an overview on how well the EU Member States perform in achieving gender equality, together with how successful they are at closing the gender gaps. The score lies between 1 and 100, where 100 represents the best situation. To be able to score high on the index there needs to be an actual improvement in a Member State. A smaller gender gap without actual improvement for women and men does not result in a higher score on the index. So an improved score on the index can only go hand-in-hand with an actual achievement on gender equality for both women and men. Besides that the index focuses not only on equal opportunities and equal outcomes for women and men but also on equal dignity and integrity. And the index includes both areas where men out perform women as areas where women outperform men, both of these areas are treated equally within the index.

Schermafbeelding 2015-06-30 om 07.19.50SOME RESULTS
The main result of the index shows us that the European Union is only halfway towards a gender equal Europe. Overall the average score is 52,9 at the EU Level. The Netherlands gets in fourth place of all the Member States with a score of 68,5 (a small decrease as the score was 69,1 in 2010). For the details take a look at the Main Report and the Country Profiles at http://eige.europa.eu/content/document/gender-equality-index-2015-measuring-gender-equality-in-the-european-union-2005-2012. To give an short overview of the main scores in the index. In 2012, in the domain of:

  • Work: the index has an average score of 61,9 at EU level. For the Netherlands 69,0 (69,5 in 2010). Segregation at work remains a persistent area of gender inequality.
  • Money: the index has an average score of 67,8 at EU Level. For the Netherlands a score of 83,6 (82,5 in 2010). To measure income in a more gender sensitive way, individual rather than household indicators should be used.
  • Knowledge: the index has an average score of 49,1 at EU level. For the Netherlands 64,6 (65,8 in 2010). Although the average score on Knowledge is improved the index shows a decrease on the sub-indicator lifelong learning.
  • Time: the index has an average score of 37,6 at the EU level. For the Netherlands 71,2 (71,2 in 2010). The unequal division of time between men and women when it comes to unpaid care and domestic activities remains persistent and extends to other activities.
  • Power: the index has an average score of 39,7 at the EU level. For the Netherlands 51,31 (52,4 in 2010). The domain of power shows the second lowest score in the index. The large gender gap in representation continues despite the small progress in the domain of Power.
  • Health: the index has an average score of 90.0 at the EU level. For the Netherlands 93,6 (94,7 in 2010). The score is driven by improved access to health services.

The next Gender Equality Index Launch is planned for 2017 and will focus on intersecting inequalities and will take a closer look into differences within the group of women and men based on for example on age, ethnicity, family situation (having children or not) and hopefully sexual orientation.

The fact that the Member States of the European Union score only a 52,9 out of the desirable 100 shows a need for more specific, renewed and strengthened EU-wide gender policy with specific focus on the domains of Power, Time and Knowledge. To be able to include the field of Violence within the index there needs to be more structural data collection throughout the EU, following up on the Survey on Violence of Women of the Fundamental Rights Agency (http://fra.europa.eu/en/publication/2014/violence-against-women-eu-wide-survey-main-results-report).

Hanna Harthoorn, Project manager at Emancipator

Zorgende vaders, veiliger thuis

Zorgende vaders, veiliger thuisblijf logo

Wie huiselijk geweld wil bestrijden, zou moeten kijken naar de rol van de vader in het gezin, betogen Marieke Ruinaard van Blijf Groep en Hans Faddegon van Emancipator vandaag in Trouw. Een betoog voor verlengd ouderschap.

Een passage uit het artikel:
“Er is maar liefst twee derde minder geweld in gezinnen waar sprake is van gelijkwaardig ouderschap, ten opzichte van gezinnen waar vaders de beslissingen nemen. …. Het vanaf dag één betrekken van de vader bij het opgroeien en opvoeden van zijn kinderen, zorgt ervoor dat ouders in gelijke mate betrokken raken bij de zorg voor de kinderen en de beslissingen thuis. Dit draagt bij aan het creëren van een veilige thuissituatie voor kinderen: zij worden substantieel minder blootgesteld aan geweld.”

Lees hier het hele artikel ‘Zorgende vader betekent veiliger thuis’ in Trouw 30 juni 2015.

Sneak peek Gender Equality Index 2015 – 19 mei 2015

Schermafbeelding-2015-06-30-om-07.19.50De nieuwe Gender Equality Index wordt eind juni gepresenteerd in Brussel. Dit is een tool waarmee
gemeten wordt in hoeverre er sprake is van gendergelijkheid binnen de lidstaten van de Europese Unie. Emancipator was uitgenodigd om de sneak peek van de nieuwste update van deze index op 19 mei 2015 bij te wonen. De eerste versie uit 2010 is bijgewerkt met recentere onderzoeken en statistieken. Hierbij is er gebruik gemaakt van een vernieuwde methode, worden de domeinen op verschillende levels gemeten en wordt er binnen de index vooral gefocust op relevante data die iets zeggen over de mate van gendergelijkheid.

De Gender Equality Index is ontworpen en gecreëerd door het European Institute for Gender Equality (EIGE) en laat op een heldere manier zien hoe de verschillende landen scoren op 6 maatschappelijke domeinen. De index scoort landen op de mate van gelijkheid op het gebied van werk, geld, kennis, tijd, macht en gezondheid. Er wordt een score van 1 tot 100 toegekend, waarbij de score 100 wordt behaald wanneer totale gendergelijkheid is bereikt. Op de website van EIGE is de index te raadplegen: http://eige.europa.eu/content/gender-equality-index.

Vooraf aan deze meeting was een netwerklunch georganiseerd, waarbij sleutelfiguren van de lidstaten elkaar konden ontmoeten. Hierna werd in besloten kring besproken wat de update van de index inhoudt en werd er gesproken over de mogelijke promotie van deze index binnen de aanwezige organisaties. Er waren vertegenwoordigers van Equinet, het Europese netwerk voor Equality Bodies, UN Women, ETUCE, Emancipator en EIGE aanwezig.

Uit deze sneak peek, waarbij vooral de belangrijkste bevindingen werden gepresenteerd, bleek voornamelijk dat de Gender Equality Index zich onderscheidt van EIGE_Logoandere meetinstrumenten omdat zij zich focussen op ‘levels of achievement’. Dit houdt in dat er geen positieve score zal worden toegekend wanneer er meer gelijkheid is ontstaan in negatieve zin. Als voorbeeld werd het aantal vrouwen op de arbeidsmarkt gegeven. Als deze stijgt, maar het aantal mannen op de arbeidsmarkt daalt waardoor deze aantallen dichter bij elkaar komen, dan is er sprake van een negatieve score. Voor deze scores werd voorheen niet gecorrigeerd. Dit is in het kader van mannen en emancipatie uiteraard interessant, omdat dit laat zien dat het binnen gendergelijkheid zou moeten gaan om algehele vooruitgang
in gelijkheid en welzijn.

Hoewel de update van de index een positieve verbetering is, kwam uit de statistieken naar voren dat er van totale gendergelijkheid in alle Europese landen nog lang geen sprake is. Sinds het lanceren van de eerste versie van de index is de algehele score van gelijkheid minimaal gestegen. Wanneer deze stijging op deze voet
verder gaat, zal over 100 jaar in het overgrote deel van de landen nog steeds geen gendergelijkheid bestaan. Dit was ook de toon die bij de meeting doorklonk: er is nog veel werk aan de winkel. Eind juni zal de volledige index worden gepresenteerd, waarbij het mogelijk is om verschillende landen te vergelijken. We zijn uiteraard benieuwd hoe Nederland er in deze vernieuwde index vanaf komt. Emancipator zal de lancering in de gaten houden en verder informeren over interessante gegevens uit de nieuwe Gender Equality Index. Ook zal er met name gekeken worden naar uitkomsten die relevant zijn voor mannen en emancipatie.

Mirthe de Boer

Onderzoeksassistent Emancipator

Mannenemancipatie met open vizier op de wereld

KO zaal leegDe sfeer is geladen, vol verwachting druppelen zo’n zestig mensen de ruimte in. Ze treffen er een lege agenda, een kring van stoelen rondom een serene middencirkel en veel lege papieren aan de muur. Vertrouwde gezichten trekken elkaar aan en beginnen als vanzelf ‘bij’ te praten. En dan zijn er de ‘nieuwe’ mensen: mannen en vrouwen die alleen of binnen een heel andere setting met het onderwerp mannen en emancipatie bezig zijn. Zij vinden geleidelijk hun plekje in het bonte gezelschap. Al met al ruim vult de gymzaal zich met meer dan 2000 jaar aan kennis en (levens)ervaring. En met passie om samen de vraag te beantwoorden wat er nodig is om (mannen)emancipatie verder te brengen.

KO-thema-224x300AKO2-224x300l snel is duidelijk dat ‘beantwoording’ van deze vraag wel een heel grote ambitie is. Daar heeft Emancipator ruim een jaar voor uitgetrokken. Aan het eind van het project Mannenemancipatie 2.0 ligt er volgens het plan een visie op mannelijkheid en een set aan handelingsperspectieven voor mannen om zich tot de nieuwe maatschappelijke werkelijkheid te verhouden. Ook dan zal het definitieve antwoord nog niet gevonden zijn, maar zal de vraag als het goed is wel breder gesteld en bediscussieerd worden in de samenleving. Vandaag gaan we de vraag, of beter de vragen, te lijf waar we het komende jaar antwoorden op zoeken.

De uitnodiging om een onderwerp op de agenda te zetten brengt deelnemers in beweging en ze werpen een batterij aan vragen in de net nog serene kring. Geen onderwerp wordt geschuwd. Van klein en gevoelig – “hoe ga je als man om met schaamte en schuldgevoel” – tot schijnbaar onhaalbare maatschappelijke opgaven – “hoe doorbreek je bestaande genderrollen”. Vragen geladen met boosheid – “hoe bestrijden we huiselijk geweld?” – liggen naast vragen vol liefde – “herkennen we de schoonheid nog wel in adolescente mannen envrouwen?” en “kunnen we uitvallende jongens verbinden met hun kwaliteiten”. Persoonlijke vragen – “hoe kun je de relatie tussen vaders en kinderen herstellen? – en grote maatschappelijke vragen – “hoe verander je de beeldvorming in de media?” en “wat is de invloed van storytelling in films en op tv?” Totaal komen 22 vragen langs die we in drie blokken verdeeld over kleine groepjes gaan bespreken.

KO agenda volKO agenda vullen

De rest van de dag is een georganiseerde chaos. Groepjes vormen zich rondom een vraag, smelten tijdelijk samen als ze raakvlakken in de vragen ontdekken en splitsen weer op als de complexiteit te groot blijkt. Op de afgesproken plaats voor een gesprek ligt een briefje dat voor een andere plek is gekozen. Mensen switchen van onderwerp omdat ze denken elders hun ei beter kwijt te kunnen.

Sessies beginnen soms vroeger en soms later dan op de tijdsplanning KO beeldvorming?staat. In die hectiek blijft het verrassend rustig. Mensen luisteren naar elkaar, vragen door, onderzoeken samen een oplossingsrichting. ‘Werd het maatschappelijke debat over emancipatie van mannen en vrouwen maar zo open en
oplossingsgericht gevoerd,’ verzucht een van de deelnemers.

Wat aan het eind van een volle dag rest is een zaal waar serene rust en open ruimte is omgetoverd in een kleurrijk palet aan vragen en antwoorden op volle flap-overs langs de wand. Het zijn stuk voor stuk de beginnetjes van een grotere visie op de verandering die ons wacht en die we zo graag zien ontvouwen. De verwachtingsvolle deelnemers die deze ochtend nog in kleine groepjes samenklonterden hebben hun verwachtingen verder opgeschroefd, verklaren zichzelf tot een community en kijken hoopval uit naar het vervolg.

KO plataan

KO etniciteit

 

 

 

 

 

 

 

In het obligate rondje – ‘wat wil je nog delen?’ – lopen net als in de geopperde vragen het persoonlijke en het maatschappelijke vloeiend in elkaar over. Mensen die de dag als helend voor zichzelf hebben ervaren zitten naast mensen die blij zijn dat de polarisatie die ze dagelijks in de samenleving ervaren vandaag afwezig was. Wat lijkt zo’n enorm

probleem – gelijkwaardigheid tussen mensen – op zo’n dag toch simpel. Maar wat ligt er nog een groot aantal vragen die opgelost moeten worden. Daar zijn we het tijdens de borrel ook over eens.

(De mooie foto’s die Floris Oosterveld heeft gemaakt zijn hier te bewonderen.)

KO kers

OK gender

 

 

 

 

 

 

 

AUTHENTICITEIT TEDxDelftWomen|29 mei 2015

Authenticiteit, ambities, passie, drijfveren, inspiratie, succes en kwetsbaarheid. Dit waren de terugkerende thema’s op de TEDxDelftWomenFoto TEDxDelft conferentie van 29 mei jongstleden. Het wereldwijd bekende concept van de TEDx talks was voor de eerste keer in Delft neergestreken met een Women variant. Een diverse groep sprekers sprak in 15 minuten, op de rode stip voor een volle zaal, over wat authenticiteit voor hen betekende.

Het was een vol programma. Over de dag verspreid waren er vijf sessies met elke keer vier sprekers in de vorm van TEDtalks, entertainment en TEDvideo’s. De dag werd geopend door StoryTeller Sahand Sahebdivani. Hij is de zoon van, die de zoon is van, die de zoon is van…. Jarenlang stelde hij zich, volgens de heersende traditie, voor langs de mannelijke kant van de familie. Maar over de familielijn van zijn moeder kon hij eigenlijk niet veel vertellen. De verhalen van de vrouwelijke leden van zijn familie werden nooit verteld. Om beide kanten van zijn familie meer in balans te brengen verteld hij nu ook de verhalen vanuit het perspectief van zijn moeder. Zo maakte hij meteen duidelijk waarom TEDx een specifieke Women variant heeft, met vrouwelijke en mannelijke sprekers.

Vervolgens vertelden verschillende spreeksters hun verhaal. Allemaal succesvolle vrouwen die hun ambities op verschillende fronten (wetenschap, ontwikkelingssamenwerking, persoonlijke ontwikkeling, ondernemerschap) vorm hebben gegeven en nu anderen kunnen inspireren door hun verhaal te vertellen. Sommige spreeksters richten zich specifiek op de impact voor vrouwen, anderen vertelden hun verhaal juist vanuit hun unieke positie in een door mannen gedomineerde wereld, de wetenschap. Zo inspireerde Dr. Daphne Stam ons met haar TEDtalk over haar ambitie om de meest indrukwekkende selfie ooit te maken. Een selfie van de aarde gezien van de maan. Een manier om onszelf te observeren die van grootse betekenis is voor het zoeken en vinden van leven op andere planeten in andere sterrenstelsels. En Dr. Wiolette Ruszal nam ons mee in haar enthousiasme en passie voor wiskunde. “Wiskunde is overal om je heen, je kan er niet aan ontsnappen, dus omarm het. Zeg niet dat je er niet goed in bent, je doet al. Ook zonder dat je het weet”. Dr Sheetal Shah gaf een mooie talk waarin zij vertelde hoe zij de echte wereld het klaslokaal in brengt. Hoe leren we studenten meer over de impact van mensenhandel en uitbuiting dan door het veld in te gaan. Het praten met slachtoffers van uitbuiting had zo’n groot positief lerend effect op de studenten dat de hele Webster University in Leiden nu via haar methode lesgeeft.

HeCanDoItAndere sprekers gingen specifiek in op genderissues in de bestrijding van armoede (Zairah Khan), in ontwikkelingssamenwerking (Namita Krul Taneja en Simone Filipini), in het ondersteunen van andere vrouwen bij het waarmaken van hun ambities (Dalia El Gabry). Als een na laatste spreker was Jens van Tricht, oprichter en directeur van Emancipator, aan de beurt. Hij vertelde via zijn persoonlijke verhaal welke positieve kanten het feminisme heeft voor mannen. “Ik ben een feminist, en ik ben een man. Het feminisme leerde mij dat er ook voor mij, als man, meer mogelijkheden zijn dan het strikte plaatje van mannelijkheid en vrouwelijkheid”. Mensen verwarren de het streven naar meer gender gelijkheid met een streven dat we allemaal gelijk moeten zijn. Dit in tegenstelling waar gendergelijkheid echt voor staat: zichtbaar maken en accepteren van de diversiteit die ook onder mannen onderling en vrouwen onderling bestaat. Jens van Tricht zijn TEDtalk kon rekenen op een enthousiast en instemmend applaus.

Gender en emancipatie is M/V

Voorafgaand aan de TEDxDelftWomen had ik de FAQS, de Frequently Asked Questions van het event bekeken. Mijn oog viel meteen op de volgende vraag: “Are men allowed at the event?” Gelukkig was het antwoord: “Yes, of course. Men are more than welcome to visit the event”. Nog te vaak worden genderissues gezien als vrouwenissues, als onderwerpen waar alleen vrouwen onderling met elkaar over praten, die enkel impact hebben op vrouwen. Emancipator brengt die thema’s juist in verbinding met mannen. Wat hebben mannen aan emancipatie en wat kunnen mannen bijdragen aan de emancipatie van vrouwen.

TEDxDelftWomen 2015 was een mooi en inspirerend event. Inspirerende sprekers gaven inzicht in hoe zij vorm geven aan de successen en uitdagingen in hun werk. Uiteindelijk zou het mooi zijn als er niet meer specifieke Women varianten nodig zijn voor het vertellen van de vrouwelijke verhalen in de samenleving. Dat er ook meer ruimte is voor mannen die, zoals Jens van Tricht, hun verhaal kunnen vertellen zonder de verwachtingen die de samenleving legt op mannelijke succesverhalen. Tot die tijd, hoop ik dat er op volgende TEDxWomen evenementen nog meer balans is tussen de zogenoemde mannelijke en vrouwelijke verhalen. TEDxDelftWomen, tot volgend jaar!

Hanna Harthoorn
Projectmanager Mannenemancipatie 2.0

16 Days To End Gender Based Violence: He Can End Violence

16 Days To End Gender Based Violence: He Can End Violence Expert Meeting

On the 17th of December 2014, on the International Day for the Elimination of Violence Against Women, at the start of the global campaign 16 Days To End Gender Based Violence, Dutch MenEngage member eMANcipator organised an expert meeting about preventing male violence.

As a starter, Jens van Tricht from eMANcipator, Rachel Ploem from Rutgers WPF and Merle Gosewinkel from Women Peacemakers Program shared their insights, inspirations and experiences from the global MenEngage symposium that was held in Delhi in November.

After that, 40 professionals from different backgrounds had a lively discussion about the relation between men, masculinity and violence.

Verslag Expertmeeting He Can – End Violence

Op 25 november – de internationale dag voor het beëindigen van geweld tegen vrouwen – vond in Amsterdam een expertmeeting plaats over het betrekken van mannen bij het voorkomen en bestrijden van geweld. De expertmeeting liep uit op een geanimeerd gesprek tussen 40 betrokken professionals waarvan eenderde mannen, waardoor de geplande twee uur uiteindelijk veel te kort bleken. Mannelijk geweld blijkt een onderwerp dat de gemoederen bezig houdt.

De bijeenkomst werd georganiseerd door eMANcipator in samenwerking met Atria en maakte deel uit van de wereldwijde campagne ’16 Days of Activism Against Gender Based Violence’. Om deze campagne te steunen werden tussen 25 november en 10 Schermafbeelding 2014-12-17 om 08.54.48december door leden van MenEngage Europa, waaronder eMANcipator, vele activiteiten georganiseerd – van Albanië tot Zweden,
van Kosovo tot Nederland, van de UK tot Italië en van Oostenrijk tot Malta en van Servië tot Portugal. MenEngage is de wereldwijde alliantie van organisaties, professionals en activisten die zich inzetten voor mannenemancipatie – boys and men for gender equality.

De bijeenkomst begon met dit korte filmpje dat speciaal hiervoor gemaakt was door de moderator Martijn van Veen van Paradox Productions:

 

6848216_origTerugblik Delhi Symposium

De bijeenkomst begon met een terugblik op het 2e MenEngage Global Symposium dat van 10-13 november plaatsvond in Delhi. Bijna 1200 mensen – mannen en vrouwen – uit 95 landen wereldwijd kwamen hier samen om inspiratie en expertise uit te wisselen over het werken aan emancipatie met jongens en mannen. In samenwerking met de internationale vrouwenbeweging, met de Verenigde Naties en andere internationaal en nationaal opererende organisaties en instanties werd gesproken over het actief betrekken van jongens en mannen bij de veranderingsagenda voor de toekomst. Jens van Tricht van eMANcipator, Rachel Ploem van RutgersWPF en Merle Goosewinkel van het Women’s Peacemakers Program deelden hun inzichten en ervaringen.

Het was alweer het tweede symposium van de wereldwijde alliantie MenEngage. De aandacht voor het onderwerp – boys and men for gender equality – groeit en verdiept zich. In Delhi stond de erkenning van de complexiteit en diversiteit van het betrekken van mannen bij dit onderwerp centraal. Het ging om het overstappen van de tegenstelling tussen mannen en vrouwen naar bredere opvattingen van gender justice: ‘beyond the binaries’. Er was expliciet aandacht voor intersectionaliteit, het inzicht dat gender en mannelijkheid niet op zichzelf staan maar mede gevormd worden – en vorm geven aan – bijvoorbeeld armoede, racisme en andere vormen van maatschappelijke onderdrukking en uitsluiting. Het symposium was een uitdrukking van het gezamenlijk optrekken van mannen en vrouwenbeweging: ‘we came from far, to get further we have to walk with men’. Duidelijk werd ook de spanning die dat soms oproept, tussen mannelijke kwetsbaarheden en vrouwenrechten bijvoorbeeld.

White ribbon supporting logoIn alle verscheidenheid waren er ook duidelijk centrale thema’s te onderscheiden: het stimuleren van betrokken vaderschap, het bevorderen van seksuele gezondheid en vrijheid, emancipatoire opvoeding en onderwijs van jongens, seksuele en gender diversiteit, en het voorkomen van geweld. Wereldwijd zijn er interessante en inspirerende voorbeelden te vinden van activiteiten die mannen betrekken bij het voorkomen van geweld. Een bekend voorbeeld is de White Ribbon Campagne die vanuit Canada inmiddels in vele landen van de wereld succesvol wordt ingezet. Sinds een paar maanden kennen we de campagne #HeForShe van
de Verenigde Naties, waarvoor actrice Emma Watson mannen opriep om zich achter de feministische strijd voor gelijkheid te wecan_logoscharen. En in Nederland vind al jaren deWe Can (End All Violence Against Women) campagne plaats, in 2004 ontwikkeld in Bangladesh. Ook vanuit Nederland zijn voor het werken met mannen bijzondere projecten ontwikkeld door RutgersWPF binnen MenCare+ en het Women Peacemakers Program.

Zie voor een impressie van het symposium dit verslag.

 

Geweld op meerdere niveausFlyer he can end violence

Tijdens de expertmeeting bleek het onderwerp mannen en geweld tenminste drie niveaus te beslaan:

1. Geweld als persoonlijk probleem: de zorg voor en behandeling van mannen in een geweldssituatie, als dader en/of als slachtoffer.

2. Geweld als mannelijk probleem: de noodzaak tot preventie door alternatieven voor zowel mannelijkheid als geweldte bieden, bijvoorbeeld in campagnes, programma’s en trainingen.

3. Geweld als maatschappelijk probleem: de maatschappelijke opvattingen over mannelijkheid en geweld – en de gevolgen hiervan stijgen ver uit boven het persoonlijke.

 

end violence against everyoneGeweld als maatschappelijk probleem 

Geweld is een maatschappelijk probleem met enorme persoonlijke consequenties, wereldwijd en zeker ook in Nederland. We zijn gewend geweldsproblematiek te benaderen vanuit het perspectief van de slachtoffers – vrouwen, kinderen, homo’s, burgers – en verliezen daarbij vaak de daders uit het oog. Verreweg de meeste geweldplegers zijn mannen. Dat wil niet zeggen dat de meeste mannen geweldplegers zijn, integendeel. Veel mannen zijn bovendien zelf ook slachtoffer van mannelijk geweld.

Het moet duidelijk zijn dat geweld niet kan en mag. Een analyse van de diepere oorzaken van geweld is noodzakelijk. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om de relatie tussen geweld en ongelijke sekseverhoudingen. Geweld is tegelijk oorzaak en gevolg van ongelijke sekseverhoudingen. Het is belangrijk inzicht te krijgen in de systemische rolpatronen tussen mannen en vrouwen en de noodzaak van emancipatie te erkennen. Ook gaat het over de centrale rol die geweld speelt in opvattingen over mannelijkheid. En we moeten kritisch kijken naar de rol die geweld speelt in de samenleving, de legitimiteit die we aan geweld toekennen als ultieme oplossing voor conflicten. We zullen op fundamenteel niveau moeten zoeken naar alternatieve vormen van conflictoplossing. “Conflict is niet erg. Zorg alleen dat je leert om geweldloos te communiceren als je een conflict hebt.”

De neiging om geweld vooral te zien als een persoonlijk probleem verhult de rol van maatschappelijke ongelijkheid bij het ontstaan en voortduren van geweld tegen vrouwen en kinderen – en tegen mannen trouwens ook. We moeten oppassen om geen ‘symmetrisch’ beeld van geweld – of van ongelijke sekseverhoudingen – te schetsen; het is niet zo dat mannen en vrouwen op gelijke wijze getroffen worden.

“Men and boys also experience violence – especially in conflict settings and outside the home – sometimes by women, most often, by other men. The causes and dynamics of violence against boys and men by girls and women are different than the causes and dynamics of violence against girls and women by boys and men. Violence against women and girls is systemic” (The Lancet, 21-11-2014)

Het zou goed zijn om op nationaal en internationaal niveau aandacht te vragen voor het probleem van geweld in het algemeen en van mannelijk geweld in het bijzonder. Een duidelijk framework creëren, een nationale lobby opzetten, het voeren van gezamenlijke campagnes, het steunen van elkaars werk op dit gebied, een geïntegreerde gezamenlijke aanpak op alle niveaus. Hierbij gaat het niet om Postbus 51 spotjes en soortgelijke campagnes die vertellen wat mannen niet mogen doen – hoewel het prima is om duidelijk te maken dat geweld niet/nooit/not done is! Een grote vraag blijft hoe dit onderwerp op de maatschappelijke agenda te krijgen is. Waar blijft de maatschappelijke urgentie om iets met dit onderwerp te doen? Wat maakt dat mannen ook hier iets mee willen doen. Hoe creëer je maatschappelijke verontwaardiging? Hierbij zouden we inspiratie uit de internationale context kunnen halen: wat zijn voor Nederland aansprekende voorbeelden, aanpakken die werken, good practices – die de motor kunnen zijn om dit onderwerp maatschappijbreed in te kunnen zetten?

We moeten dus beginnen met stellen dat geweld niet kan en niet mag. Vervolgens moeten we ook erkennen dat mannen vaak daders zijn – en tegelijk ruimte laten voor mannelijk slachtofferschap, daar waar het plaatsvindt. We moeten de maatschappelijke urgentie van geweld benoemen en blijven benoemen. We moeten daarbij ook oog hebben voor andere vormen van geweld dan puur fysiek geweld: sociaal, emotioneel, psychisch geweld, en ook misbruik van bijvoorbeeld financiële machtsmiddelen en economische positie.

Het is ook belangrijk het ontstaan van geweld te zien binnen de context van seksespecifieke socialisatie: meisjes leren zorgen, jongens leren werken, nog steeds. En jongens leren van jongs af aan dat geweld een legitieme manier is om conflicten te beslechten. Veel jongens leren eerder een pistool gebruiken dan dat ze leren lezen en schrijven. Het blijkt zelfs dat jongens op of rond hun 18e verjaardag nog altijd bericht krijgen dat ze ooit opgeroepen zouden kunnen worden voor de militaire dienst. Zorg kan gezien worden als een tegenhanger van geweld, het zou goed zijn om zorg ook meer te waarderen en stimuleren bij jongens en mannen.

 

motivating boys to end gender violence Geweld als een mannelijk probleem 

Het valt op dat de discussie over geweld nooit gaat over de ‘mannelijkheid’ ervan, maar altijd over andere zaken, zoals cultuur, etniciteit, geloof, media, onderwijs- en sociaal-economische ongelijkheid, ouderschap, opvoeding . Allemaal belangrijke factoren, maar als je kijkt naar de gemeenschappelijke noemer van straatgeweld, voetbalgeweld, crimineel geweld, huiselijk geweld, oorlogsgeweld en seksueel geweld dan valt op dat de daders in verreweg de meeste gevallen man zijn. Geweld is nauw verbonden aan dominante en rigide opvattingen van met name heteroseksuele mannen over ‘mannelijkheid’ – als een soort tegenhanger van ‘vrouwelijkheid’.

Het is belangrijk om aandacht te besteden aan wat mannelijke geweldplegers beweegt. Geweld is een uiting van macht en onmacht tegelijkertijd. Violence is the last resort of the incompetent (Isaac Asimov). Vaak spelen andere problemen een belangrijke rol, zoals emotionele en psychische problemen, gebruik van alcohol of drugs, armoede en racisme. En terwijl geweld maatschappelijk gezien duidelijk een probleem is dat door mannen wordt veroorzaakt, moeten we niet de individuele en persoonlijke problematiek van daders over het hoofd zien.

De beste aanpak van geweld is een preventieve. Aandacht voor de rol van mannen binnen de aanpak van geweld zit nu vaak alleen in de hulpverleningsprogramma’s voor plegers van huiselijk geweld. Dus eigenlijk aan het eind van het proces. Terwijl je eigenlijk niet vroeg genoeg kunt beginnen, het liefst in de vroege kindertijd. In de loop der jaren zijn er in en buiten Nederland diverse methoden ontwikkeld om met jongens en mannen te werken aan het vormgeven van ‘positieve masculinities’ en het voorkomen van geweld, bijvoorbeeld Toffe Jongens en Be A Man. Momenteel wordt Meer Dan Macho ontwikkeld in een samenwerkingsverband van Rutgers WPF, Movisie en SOA Aids Nederland. Het probleem is dat werkzame interventies en good practices door de ‘projectencarroussel’ vaak ergens op een plank blijven liggen; financiering richt zich vaak liever op ontwikkeling van nieuwe dingen dan op doorontwikkeling en structurele implementatie van veelbelovende methodieken.

Uiteindelijk gaat het om een transformatie van mannelijkheid, een andere invulling van de rol van mannen , veranderende posities van mannen in de samenleving, andere beeld van mannen en mannelijkheid. Alternatieven voor geweld zijn makkelijk aan te bieden in de vorm van trainingen, hierin kan dan gewerkt worden aan de transformatie van mannelijkheid. Hiervoor zijn uiteraard goede voorbeelden en rolmodellen noodzakelijk, waar jongens en mannen zich aan kunnen spiegelen. Er is behoefte aan individueel leiderschap, bijvoorbeeld in het publieke debat over geweld, en in campagnes zoals de White Ribbon Campagne of de Changemakers van de We Can campagne. Hierbij kan het benoemen van de Macho Paradox behulpzaam zijn: hoewel geweld vaak gezien wordt als heldhaftig machogedrag, is het je uitspreken tegen geweld feitelijk een uiting van veel grotere kracht. Daarnaast is het belangrijk alternatieve handelingsperspectieven aan te bieden. Dus niet zeggen: sla niet, maar zeg iets over hoe wel om te gaan met emoties, JensForShelastige situaties en agressie. En het is van belang om op waardeniveau concreet duidelijk te maken waarom andere vormen van gedrag – en van mannelijkheid – positief zijn, wat ze erbij te winnen hebben. Bijvoorbeeld dat het bijdraagt …
Wel belangrijk is om het voorkómen van mannelijk geweld ook een persoonlijke dimensie te geven – bij mannen zelf. Als mannen niet aan de slag gaan met hun ‘emotionele
geletterdheid’, in therapie of counseling, individueel of groepsgewijs, blijven mannen hun frustraties en oude pijn afreageren op de vrouwen in hun leven, dan blijven mannen feitelijk reageren op hun moeder in plaats van te leren constructief om te gaan met hun partner, collega of leidinggevende in het hier en nu. Zoals Emma Watson in haar HeForShe
speech bij de Verenigde Naties zei: “When at 18 my male friends were unable to express their feelings.”

 

How long shall we tolerate violence?Geweld als een persoonlijk probleem

Op het persoonlijk niveau is het voor mannen van belang om een veilige plek en ruimte te creëren waarin ze zich kunnen uiten, waar ze niet direct veroordeeld worden, waar de schuldvraag minder belangrijk is dan het persoonlijk verhaal erachter. De interpersoonlijke en relationele dynamiek waarbinnen geweld kan ontstaan moet serieus aandacht krijgen, zonder dat dit gebruikt wordt om geweld goed te praten of te bagatelliseren. De rol die vrouwen hierin spelen moet ook meegenomen worden. Dat geweld niet kan en niet mag moet duidelijk zijn, daarover is geen discussie mogelijk. Het gaat erom dat gewelddadig gedrag veroordeeld kan worden zonder dat daarmee automatisch ook de hele persoon die het geweld pleegt veroordeeld wordt.

Daar waar geweld al plaatsvindt, of heeft plaatsgevonden, is persoonlijke zorg en aandacht nodig. Natuurlijk moet duidelijk zijn dat geweld niet kan en niet mag. Tegelijk moet er ruimte zijn voor het verhaal van de pleger. Het kan helpen om geweld te zien als uiting van iets, niet in eerste instantie als oorzaak. Voor mannen is een veilige ruimte van belang om zich te kunnen uitspreken. Het is daarvoor van belang niet meteen de schuldvraag te stellen, niet meteen te slaan of straffen, dat zorgt voor escalatie. Bij geweld binnen relaties gaat het vaak om een complexe dynamiek waarin de vrouwelijke partner ook een rol speelt, en ook hierbij spelen maatschappelijke ongelijkheid en systemische rolpatronen vaak een rol. Het is niet altijd zinnig om in deze situaties uit te gaan van een binaire tegenstelling tussen slachtoffer en daders, soms zijn beiden zelfs allebei. Mannen kunnen juist in dit soort situaties ook slachtoffer zijn; soms van fysiek geweld, vaker nog van verbaal of mentaal geweld. Deze vormen van mishandeling moeten ook meegenomen worden in behandelingstrajecten. Veel mannen herkennen diverse soorten geweld niet als zodanig, en zien zichzelf niet makkelijk als slachtoffer – dat is immers niet mannelijk.

Het slachtofferschap van mannen erkennen is belangrijk. Mannen zijn ook slachtoffer van mannelijk geweld, van geweld dat door mannen gepleegd wordt, vaak uit naam van mannelijkheid. Mannen hebben dus ook last van de manier waarop mannelijkheid en geweld aan elkaar gekoppeld worden, hoewel deze relatie met geweld en mannelijkheid vaak een heel andere zal zijn dan hoe vrouwen geweld en mannelijkheid beleven. Als medeslachtoffers van mannelijk geweld zijn mannen en vrouwen potentiële bondgenoten bij het tegengaan van geweld.

Naast aandacht voor het slachtofferschap van mannen moet de verantwoordelijkheid van plegers zeker een aandachtspunt blijven. Er is geen excuus voor geweld, geweld heeft consequenties, zou soms misschien duidelijker financiële consequenties mogen hebben. Bij het werken met mannen moet voortdurend de relatie met (de veiligheid van) vrouwen gelegd worden. Tot slot is het ook belangrijk om jonge kinderen bij de behandeling te betrekken – omdat zij ook de consequenties dragen van het geweld, en omdat zij als volgende generatie het risico lopen het systemisch geweld weer door te geven. Het kan goed zijn om de verantwoordelijkheid bij mannen leggen in plaats van de machtsvraag of de schuldvraag te stellen. Het taboe voor mannen om hulp te zoeken, ook als pleger, is langzamerhand aan het veranderen. Dat is een positieve ontwikkeling. Nu nog het taboe voor mannen om zich uit te spreken tegen geweld.

For every T-shirtWij zijn ervan overtuigd dat we deze relatie tussen mannen, mannelijkheid en geweld serieus aandacht moeten geven en kritisch en wetenschappelijk moeten onderzoeken om tot structurele oplossingen voor geweld te komen. Daarbij is het belangrijk mannen direct aan te spreken in hun verantwoordelijkheid voor het veranderen van de huidige invullingen van mannelijkheid, en daarmee als belanghebbenden en bondgenoten in de ontwikkeling van een meer empathische vorm van mannelijkheid. We moeten ook kritisch kijken naar de manieren waarop beperkende en destructieve invullingen van mannelijkheid tot stand komen, en hoe ze worden opgelegd en aangeleerd door de samenleving in bijvoorbeeld opvoeding en onderwijs. Hierbij is het belangrijk ook met compassie te kijken naar de positie van individuele mannen die zich staande moeten zien te houden in een wereld die van hen verwacht dat ze eerst man en dan pas mens zijn – een wereld, inderdaad, die mannen leert dat geweld een legitieme manier is om conflicten te beslechten, en die mannen weinig of geen andere emotionele uitingsmogelijkheden aanleert of toestaat.
Er is altijd een keuze, je kunt besluiten om geen geweld te gebruiken, je onmacht en machteloosheid te ervaren en te leren hier iets anders mee te doen. Als het gaat om onmacht en machteloosheid bij mannen komen we al snel tot de tegenstrijdig lijkende conclusie dat mannen empowerment nodig hebben. Maar ze zijn toch al de bovenliggende partij, mannen zijn toch de machtigen in deze samenleving? Als collectief mag dat zo zijn, en zelfs op individueel niveau kunnen we erkennen dat ook het gebruik van geweld een uiting van (fysieke) macht is, en toch is het goed om te luisteren naar de mannen die het betreft, en hun gevoel van machteloosheid – of is het krachteloosheid? – serieus te nemen. Mannen hebben empowerment nodig vis-a-vis de dominante beelden van mannelijkheid, die mannen vertellen dat ze altijd in controle moeten zijn, hun emoties moeten beheersen, problemen moeten oplossen, dat geweld als last resort acceptabel of zelfs noodzakelijk kan zijn.

 

Culturele en andere diversiteit

Terwijl het hier steeds gaat over mannen enerzijds en vrouwen anderzijds, is duidelijk dat er tussen mannen onderling enorme verschillen bestaan. ‘De man’ bestaat niet, dat moeten we niet vergeten. Mannen zijn net zo divers als vrouwen, mannen zijn net mensen. Opgemerkt werd dat het bestaan van culturele diversiteit niet of nauwelijks benoemd werd, terwijl dat voor velen toch een belangrijke rol speelt. Daar werd tegenover gesteld dat het goed is om geweld nu eens als een mannenprobleem te bespreken, omdat het al zo vaak bij specifieke – vaak etnische of culturele – groepen in de samenleving neergelegd wordt. Toch is het interessant om te onderzoeken op welke manieren we het kunnen hebben over de specifieke kanten van een probleem als geweld binnen cultureel diverse groeperingen zonder in stereotypering of stigmatisering te vervallen. Daarbij is het belangrijk zowel onderzoek te doen naar deze groeperingen als om er mee samen te werken, en ervan te leren! Het gaat dus niet alleen om cliënten maar nadrukkelijk ook om het creëren van bondgenootschappen. Ook is het goed om positieve voorbeelden uit de culturele diversiteit voor het voetlicht te brengen. Interessant kan hierbij ook zijn om te onderzoeken hoe de culturele diversiteit in

Nederland verbonden kan worden aan de wereldwijde culturele diversiteit die elkaar weet te vinden in het wereldwijde netwerk van MenEngage. De ervaringen en activiteiten uit de ‘global south’ kunnen in de cultureel diverse Nederlandse context van groot
belang zijn voor het werken met jongens en mannen. En daarmee kunnen we bijvoorbeeld weer kijken naar de projecten die mede
door Nederlandse organisaties in het zuiden ontwikkeld zijn: het betrekken van mannen als bondgenoten van vrouwen bij het tegengaan van geweld door het Women Peacemakers Program, en het programma Men Care+: een geïntegreerd initiatief om meerdere generaties mannen en vrouwen samen te laten werken aan gender transformatie, veiligheid voor mannen en vrouwen, en positieve mannelijkheden.

MenCareLogo

mencare+ logo

 

 

 

 

Mystery Guest

Aan het eind van de expertmeeting kregen we bezoek van de heer Randy W. Berry, Consul Generaal van de Verenigde Staten. Deze sprak zijn waardering uit voor het werk van de aanwezigen en voor de aandacht van de expertmeeting voor de rol van mannen bij het voorkomen van geweld. Dit is een onderwerp waar het consulaat met regelmaat aandacht aan besteed en graag samenwerking in zoekt.