Berichten

Blog 4. Peter Leusink: #MeToo – Taskforce noodzakelijk

Het kan niemand zijn ontgaan, in de maand oktober is de eerst verjaardag van de #MeToo-discussie gevierd. Met in november nog een kleine afterparty, waarvan akte. Opvallend is de grote diversiteit aan opvattingen over zowel oorzaak als oplossing van het probleem. Wat ik persoonlijk merk is dat ik in elke mening wel iets lees dat van waarde is. Eigenlijk is alles al gezegd en dat geeft hoop. Het gaat over vrouwen, over mannen, over daders, over slachtoffers, over opvoeding, over biologie, over ouders, over kinderen, over media, over school, over werk, over sport, over het uitgaansleven, over onbeholpenheid, over geweld, over respect, over grenzen, over verantwoordelijkheid, over schuld, over seks, over macht, over de maatschappij, over de overheid, over de ander, en over jezelf. Samenvattend mag, nee, moet je concluderen dat seksuele intimidatie en seksueel geweld een complex probleem is dat om een complexe oplossing vraagt. Ook dat was al eens gezegd.

Hoe los je zoiets complexs nu op? In 2005 stonden een aantal organisaties voor dezelfde vraag bij het probleem van overgewicht onder jongeren. Dit leidde tot het vormen van een convenant Gezond Gewicht dat tien jaar later werd opgeheven ten gunste van allerlei gemeentelijke initiatieven. De kern van het succes van het convenant was de samenwerking van in totaal 27 partijen afkomstig van overheden, het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties, die zich gezamenlijk gingen inzetten om de stijgende trend van overgewicht om te buigen in een daling. Hun aanpak kenmerkte zich door de inzet van meerdere interventies tegelijkertijd onder verschillende doelgroepen (kinderen, ouders, uitvoerend professionals – leraren, fysiotherapeuten, huisartsen, winkeliers, horeca, diëtisten –, en bestuurders), in verschillende settingen (thuis, school, wijk, werk, zorg) en op verschillende niveaus (uitvoerend, strategisch en tactisch). Deze benadering sloot aan bij het principe van het sociaal-ecologisch model en de daarbij behorende systeemaanpak die stelt dat je gedrag alleen kunt veranderen als je tegelijkertijd de omgeving als geheel verandert.

Waarom zou iets dergelijks niet ook kunnen worden toegepast bij seksueel geweld? De omvang en impact van seksueel geweld overstijgt dat van overgewicht en de ambitie van een convenant of taskforce is dan ook passend bij een dergelijk probleem. Een taskforce van relevante partijen in verschillende domeinen en op verschillende niveaus dwingt urgentie af en is de opmaat voor een breed draagvlak. De diversiteit aan deelnemende partijen doet recht aan de complexiteit van het probleem en noodzaakt tegelijkertijd tot samenwerking. Niemand heeft het antwoord, dus zijn alle antwoorden belangrijk. Fragmentarische acties met alle goede bedoelingen van dien schieten uiteindelijk hun doel voorbij. Lessen aan jongeren op school kunnen worden versterkt als ook ouders daarin worden ondersteund, en omgekeerd. Werkgevers ondersteunen in de aanpak van dit thema op de werkvloer heeft alleen maar zin als dit tegelijkertijd wordt gefaciliteerd door regelgeving. Acties in het uitgaansleven en in de sportwereld krijgen meerwaarde als daar ook in het voortgezet onderwijs of opleidingen aandacht aan wordt besteed. Etcetera. Een integrale en brede aanpak is noodzakelijk, onder regie van een gezaghebbende persoon of organisatie. Dat dit geld en tijd gaat kosten mag duidelijk zijn, maar uiteindelijk kan een structurele en integrale aanpak van seksueel geweld en intimidatie alleen maar winst opleveren.

Blog 3. Gio Vogelaar: Van #Metoo naar #Alltoogether

In mijn #Metoo blog van vorig jaar beschreef ik in grote lijnen mijn visie, dat het “patriarchale systeem” weliswaar door mannen wordt gedomineerd, maar onbewust door zowel mannen als vrouwen in stand wordt gehouden. Een systeem of structuur is de optelsom van de inbreng van alle deelnemers. Daaruit volgt voor mij dat mannen en vrouwen voor zowel hun slachtofferschap als daderschap verantwoordelijkheid dienen te nemen op het moment dat ze zich daarvan bewust worden. Iemand die zich niet bewust is van zijn conditionering kan geen verantwoordelijkheid nemen. En hoewel wij denken dat we een bewust leven leiden, bewijzen diverse wetenschappelijke onderzoeken juist het tegendeel.

Nu, een jaar later constateer ik steeds meer duistere zaken die boven water komen, waaruit blijkt hoezeer de mannelijke energie het vrouwelijke heeft onderdrukt en nog steeds doet. De “beerput” gaat steeds verder open. Veel mensen zien dit als een verloedering en toenemende verharding in onze samenleving. Voor mij is dit juist een teken, dat het bewust zijn of “het licht” groeit. Het donker zit namelijk in ons allemaal en kan alleen maar zichtbaar (en geheeld) worden als het aan het licht van ons eigen bewust zijn wordt gebracht. Hoe meer het licht (collectief) groeit, des te meer donker wordt er zichtbaar. En dat proces is volgens mij in volle gang. Hoe meer rotzooi er boven water komt des te meer grenzen worden bij mensen bereikt, waardoor het bewust zijn steeds sneller groeit. Met bewust zijn bedoel ik dat ik me bewust ben van mijn ZIJN in het hier en nu.

Ik geloof dan ook dat dankzij #Metoo, het afgelopen jaar een positieve en groeiende trend is ingezet. En laat ik dan beginnen bij mezelf.

Want, in mijn eigen proces van bewust wording de afgelopen jaren, kom ik ook mijn oude programma’s tegen. Al mijn relaties waarbij ik onbewust de verwachting had, dat mijn vrouwelijke partners mij gelukkig gingen maken en het ze verweet als ze dat niet deden. De rol van redder die ik altijd op me nam, onbewust ingegeven door de angst voor verlating. Het verbale geweld dat ik kon uiten, als ik niet kreeg waarop ik dacht recht te hebben, vaak op het seksuele vlak. De keren dat ik vanuit pure onmacht, mijn toenmalige partner woedend een zet gaf, waarbij ze niet bepaald zachtzinnig terecht kwam. De keer dat ik opzij schoof, dat de vrouw waarmee ik aan het vrijen was dit eigenlijk niet wilde, waardoor ze zich achteraf verkracht voelde. Al de bekende jongens onder elkaar humor en vernederende praatjes over vrouwen. Veelvuldig manipulatief gedrag om dingen voor elkaar te krijgen. Het zit ook allemaal in mij geconditioneerd. De belangrijkste bijdrage die ik kan leveren aan de heling van de collectieve wond, is die conditionering in mezelf te erkennen en te helen, waardoor ik de balans tussen het vrouwelijke en mannelijke in mezelf herstel.

En……….. ik ben zeker niet de enige die met zijn eigen proces aan de gang is. Het is duidelijk dat steeds meer mannen en vrouwen zich bewust worden van hun geconditioneerde rolpatronen. Patronen die aangeleerd zijn in opvoeding en onderwijs en die we later zelf onbewust verder hebben gecultiveerd. Steeds meer worden we ons bewust van het lopen in een tredmolen en gaan op zoek om ons ware zelf terug te vinden.

Ik zie een explosieve groei in festivals en workshops gericht op bewustwording en heling van het mannelijke en vrouwelijke, zoals “Het Wildeman Festival” voor mannen (en jongens/zonen), of het “Hieros Gamos Festival” voor mannen en vrouwen. Of mannen-, vrouwen- en gemengde cirkels, waarin individuele groeiprocessen met elkaar worden gedeeld en geheeld. Zelf initieer ik in co-creatie met een vriend ook workshopdagen en series voor zowel mannen als gemengde groepen.

Het afgelopen jaar heb ik een aantal Womb-healingen voor vrouwen bij mogen wonen. Dit zijn rituelen waar vrouwen geheeld worden in hun baarmoeder, waar ze onbewust hun trauma’s opslaan. Steeds vaker worden daarbij ook mannen gevraagd om als spaceholder in een kring om de vrouwen heen te zitten en de ruimte te bewaken. Geen bemoeienis met wat er in die heilige ruimte gebeurt. Alleen maar bij jezelf en de andere mannen zijn, zonder contact te maken met de vrouwen. Vrouwen en mannen worden apart voorbereid. Een prachtig ritueel, dat helend werkt voor zowel vrouwen als mannen. Mooi bij-effect van dit spaceholden is, dat het me dwingt naar binnen te gaan bij mezelf waar mijn eigen kracht zit.

Juist dit principe van “space-holden” is volgens mij wat wij als mannen te doen hebben. Er alleen maar ZIJN in onze eigen geheelde kracht, als een soort van rots.  Daarmee geven we vrouwen het vertrouwen, dat ze zelf vrouw genoeg zijn om hun “vrouwtje” te gaan staan. Daarvoor hebben vrouwen ons namelijk helemaal niet nodig. Net als wij mannen weer dienen te gaan staan voor persoonlijk leiderschap en zelfverantwoordelijkheid, is het voor vrouwen ook de bedoeling dat ze vanuit eigen kracht gaan staan. Die rituelen laten me dat zien en voelen, omdat zowel het vrouwelijke als het mannelijke zeer krachtig en respectvol wordt ervaren door alle deelnemers. Ieder heeft en geeft de ruimte aan de ander en dat is bijzonder helend.

Ik kan elke man dan ook aanraden om als je de kans krijgt zo’n ritueel bij te wonen en te ervaren wat het met je doet.

Tot slot wil ik een nog een prachtig voorbeeld noemen van een vrouw die me laat zien hoe ze gaat staan voor zichzelf. Dat is het sterke optreden van Griet Op De Beeck bij De wereld draait door op 8 november jl. Matthijs van Nieuwkerk blijft haar doorzagen op het “ontbreken van bewijs” van haar misbruik, zich totaal onbewust van zijn eigen angst om als “representatieve mannelijke dader” te worden ontmaskerd. Griet bleef echter helemaal op de been en gooide er nog een hele krachtige schep bovenop op het moment, dat ze compassie uitsprak voor de mensen die het nog niet durfden te zien. Chapeau hoor. Dat is power. Voor degene die het niet heeft gezien hier de link naar de uitzending.

Naast Griet op de Beeck zijn er talloze vrouwen en mannen, die weer op zoek zijn naar hun echte essentie. En ik geloof dan ook heilig in een gezamenlijk helingsproces, waarin wij mannen en vrouwen ons eigen straatje vegen en elkaar inspireren door onze processen op gelijkwaardige basis met elkaar te delen. Er voor elkaar te zijn en de ruimte te geven voor zelfheling. Dat is de manier om onszelf en elkaar te helen van de gezamenlijke wond die we onbewust ook samen hebben gecreëerd. En ik zie gelukkig steeds meer vrouwen en mannen die op weg gaan van #Metoo naar #Alltoogether.

Blog 2. Ton Coenen: Waarom kijkt de politiek weg als het gaat om preventie van seksueel geweld?

Eén jaar #MeToo – indrukwekkend en dramatisch. Al die verhalen wereldwijd, wat een ellende. In Nederland zelf krijgt ruim de helft (53%) van de vrouwen en een vijfde (19%) van de mannen te maken met seksuele handelingen tegen hun wil. Elf procent van de vrouwen heeft ooit geslachtsgemeenschap tegen haar wil gehad. Onderzoek toont ook aan dat specifieke groepen extra kwetsbaar zijn om slachtoffer of dader te worden, bijvoorbeeld mensen met een verstandelijke beperking, jongeren in de jeugdzorg of lhbt’s. De cijfers over de omvang van seksueel geweld en grensoverschrijdend gedrag zijn dramatisch maar niet nieuw. De vraag is wat ermee gedaan wordt.

In Nederland is de laatste jaren gelukkig veel geïnvesteerd in de opvang van vrouwen die met seksueel geweld te maken hebben. Ik vind dat er ook alle reden is om meer te investeren in de preventie van seksueel geweld. En als we echt een verschil willen maken, dan gaat het er bij preventie ook over hoe kinderen en jongeren groeien in hun rollen als man en vrouw. Ik vind daarbij met name meer focus nodig op de rol van mannen en op de nodige verandering daarin.

Vanuit Rutgers heb ik een jaar na de start van #MeToo vooral aangegrepen om meer aandacht te vragen voor preventie van seksueel geweld. We hebben gelobbyd en op allerlei manieren aandacht gevraagd. Op 8 oktober jl. organiseerden we de Rutgers Dialoog, waarin we samen met experts, professionals, jongeren, docenten, opiniemakers en politici gekeken hebben naar wat #MeToo heeft opgeleverd en wat er nog moet gebeuren. Ik had hiervoor drie bewindspersonen uitgenodigd: Minister Hugo de Jonge van VWS, Staatssecretaris Paul Blokhuis van VWS en Minister van Emancipatie Ingrid van Engelshoven. Reden daarvoor is dat ik vind dat er landelijk te weinig gebeurt. Geen van allen kon aanwezig zijn – zelfs niet nadat we vooraf gecheckt hadden bij de ambtenaren of ze zouden kunnen. OK, ze zijn druk. Maar geen van allen had de week voor de Dialoog tijd om de pers te woord te staan hierover. Of om deel te nemen aan TV-programma’s. Dat betekent maar één ding: ze willen duidelijk niet het publieke gesprek hierover aangaan. In de Tweede Kamer zijn wel wat vragen gesteld. Maar daar komen ze toch ook makkelijk weg op dit thema.

Ik blijf het onvoorstelbaar vinden dat de ministers en staatssecretaris wegkijken. Want daarmee laten ze seksueel geweld ook gebeuren.

En natuurlijk – de landelijke politiek gaat dit niet alleen oplossen. Organisaties in de zorg, gemeenten, onderwijs en schoolleiders, sportclubs, werkgevers, horeca en ouders hebben allen een rol in de preventie van seksueel geweld. En laten we reëel zijn – er is geen eenvoudige oplossing. Maar er is wel een aantal effectieve interventies. En niks doen is geen optie. De rijksoverheid heeft een belangrijke taak in de rol van aanjager. En daar komt nu niks van terecht.

Uit de reacties naar aanleiding van de aandacht op TV, radio, kranten en social media zien we groot maatschappelijk draagvlak om meer te investeren in preventie van seksueel geweld. De problemen zijn te groot om te negeren.

Dus de vraag is – hoe gaan we de landelijke politiek in beweging krijgen op preventie van seksueel geweld?

Blog 1. Philip Huff: Hoe kunnen we ervoor zorgen dat mannen vaker en luider hun stem laten horen tegen geweld tegen vrouwen?

Ten eerste, door de feiten te kennen.

Dat wil zeggen: het was niet Edmund Burke die zei dat het enige noodzakelijke voor de triomf van het kwaad is dat goede mannen niets doen – ook al schreef John F. Kennedy de uitspraak wel aan hem toe. Wie dit wel ooit zo zei, of schreef, is niet helemaal duidelijk. Vermoedelijk vindt Kennedy’s uitspraak zijn oorsprong bij John Stuart Mill (hij verhaspelde vaker zijn citaten): ‘Slechte mensen hebben niets meer nodig om hun doelen te bereiken, dan dat goede mannen iets zien en niets doen.’ Blijft staan: wie toekijkt bij geweld en niets doet helpt het geweld een handje. Dat geldt dus ook voor mannelijk geweld tegen vrouwen. Ook als je je als toekijker niet zelf fysiek schuldig maakt aan dit geweld.

Dit zijn de cijfers over het geweld tegen vrouwen (en cijfers zijn feiten – tot ze veranderen, uiteraard), die moet je kennen. In Nederland:

  • heeft eenenveertig procent, dus bijna de helft van de vrouwen, sinds haar vijftiende ooit een vorm van fysiek of seksueel geweld meegemaakt (het Europese gemiddelde ligt lager, op drieëndertig procent), het gaat om bijna tweeënhalf miljoen vrouwen;
  • is tweeëntwintig procent van alle vrouwen, meer dan een op de vijf, het slachtoffer van fysiek geweld door haar partner of ex-partner, het gaat om meer dan een miljoen vrouwen;
  • heeft twintig procent van de vrouwen onder de vijftien een ervaring van seksueel geweld meegemaakt;
  • heeft elf procent van de vrouwen seksueel geweld ervaren door een (ex)partner. Dat zijn bijna 660.00 vrouwen;
  • heeft tien procent van de vrouwen een verkrachting meegemaakt;
  • heeft bijna driekwart van de vrouwen seksuele intimidatie meegemaakt, dat zijn meer dan vier miljoen vrouwen.

De plegers van dit geweld zijn vaker mannen dan vrouwen. Hoe veel vaker? Negen op de tien plegers van fysiek of seksueel geweld tegen vrouwen is een man. Het aandeel van vrouwen in geweld tegen (ex)partners is verwaarloosbaar.

(Dit wil allemaal niet zeggen dat er geen geweld tegen mannen plaatsvindt, en dat, hoewel die aantallen veel lager zijn, dat geweld ook niet verwerpelijk is – tegelijkertijd: daar gaat deze campagne niet over.)

Dit zijn cijfers. Cijfers werken minder goed als er geen verhaal bij komt. Dat is punt twee. Dit stukje een oproep is aan jou, de man die dit leest – hallo! – om een bekende vrouw in je omgeving – je zus, je vriendin, je moeder, je beste vrienden, een collega – te vragen wat deze cijfers betekenen, wat hún ervaringen zijn; hoe zij graag gehoord en gezien zouden willen worden, geholpen. Want al het huiselijk geweld en het cybergeweld van mannen tegen vrouwen stopt niet als het verhaal bij statistieken blijft. Maak van feiten verhalen in jouw omgeving.

Punt drie: bespreek deze ervaringen en je eigen ervaringen met mannen in je omgeving. Bespreek angst, afwijzing, gevoelens van tekortkomen; spreek vrienden aan op nafluiten, op hun eventueel intimiderende gedrag; let op je eigen taal.

En vier, ik schreef het al eerder: ‘Verdiep je in feministische denkers: in de media, in de politiek, in je omgeving’. Lees dus blogs als deze, boeken als dit, en luister naar vrouwen en mannen die veel over dit onderwerp denken. Zo verdiep je je gesprekken weer, en je begrip van de wereld.

Vijf: spreek je vervolgens uit, op basis van dit verdiepte begrip, op basis van je ervaringen en inzichten. Schrijf bijvoorbeeld een volgende blog.

 

Bron: Factsheet geweld tegen vrouwen van Emancipator en https://atria.nl/nieuws-publicaties/geweld/geweld-tegen-vrouwen/geweld-tegen-vrouwen-feiten-en-cijfers/

Portfolio Items